BWBR0005910
Geldig vanaf 1993-04-14
Artikel 4
Besluit herplaatsingsbeleid
1. Indien in de personeelsbezetting van een ministerie een vacature voor een functie ingedeeld in schaal 10 of hoger van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984is ontstaan, meldt Onze Minister deze aan bij de Mobiliteitsbank.
2. Indien in de personeelsbezetting van een ministerie een vacature voor een functie ingedeeld in een van de schalen 1 tot en met 9 van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984of in één van de schalen van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Ambtenaren Defensieis ontstaan, waarin uit het eigen departementale bestand van herplaatsingskandidaten niet kan worden voorzien, meldt Onze Minister deze aan bij de Mobiliteitsbank.
3. Indien in de personeelsbezetting van een Hoog College van Staat een vacature ontstaat, waarin uit het eigen bestand van herplaatsingskandidaten van het betreffende Hoge College van Staat niet kan worden voorzien, meldt het bevoegd gezag bij het College van Staat deze aan bij de Mobiliteitsbank.
4. Onze Minister van Binnenlandse zaken en Koninkrijksrelaties zorgt voor opname van de vacature in de Mobiliteitsbank.
2. Indien in de personeelsbezetting van een ministerie een vacature voor een functie ingedeeld in een van de schalen 1 tot en met 9 van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984of in één van de schalen van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Ambtenaren Defensieis ontstaan, waarin uit het eigen departementale bestand van herplaatsingskandidaten niet kan worden voorzien, meldt Onze Minister deze aan bij de Mobiliteitsbank.
3. Indien in de personeelsbezetting van een Hoog College van Staat een vacature ontstaat, waarin uit het eigen bestand van herplaatsingskandidaten van het betreffende Hoge College van Staat niet kan worden voorzien, meldt het bevoegd gezag bij het College van Staat deze aan bij de Mobiliteitsbank.
4. Onze Minister van Binnenlandse zaken en Koninkrijksrelaties zorgt voor opname van de vacature in de Mobiliteitsbank.