BWBR0005886
Geldig vanaf 1993-02-27
Artikel 2
Regeling IJsselmeervisserij 1993
1. Het is verboden te vissen in het IJsselmeer met:
a. de grote fuik in de periode van 1 januari tot en met 30 april;
b. de schietfuik in de periode van 1 oktober tot en met 30 april;
c. het staand net in de periode van 16 maart tot en met 30 juni;
d. het aalhoekwant in de periode van 1 november tot en met 11 april;
e. het aalkistje in de periode van 1 november tot en met 11 april;
f. de aaskuil in de periode van 1 november tot en met 11 april;
g. de zegen in de periode van 16 maart tot en met 31 oktober.
2. Het is verboden te vissen in het IJsselmeer met het staand net, het aalhoekwant of het aalkistje van vrijdagmiddag 16.00 uur tot de daaropvolgende maandagmorgen 8.00 uur.
3. Het is verboden te vissen in het IJsselmeer met de aaskuil van donderdag zonsondergang tot de daaropvolgende maandag 8.00 uur en voorts dagelijks van zonsondergang tot de daaropvolgende morgen 8.00 uur.
4. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid, onderdelen a en b, is het toegestaan te vissen met de grote fuik en de schietfuik ten behoeve van de vangst van spiering gedurende een periode die de minister daartoe jaarlijks kan vaststellen, welke periode is gelegen in het tijdvak dat een aanvang neemt op 1 maart en eindigt uiterlijk vijf weken nadien.
5. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid, onderdeel a, is het toegestaan in de periode van 1 januari tot en met 30 april te vissen met de grote fuik mits in het achterste deel van de fuik een netwerk, bestaande uit tenminste 80 mazen met een maaswijdte van tenminste 40 mm is aangebracht achter de laatste inkeling zodanig dat deze mazen in de te water staande fuik vierkant van vorm zijn en vis via deze mazen uit de fuik kan ontsnappen.
a. de grote fuik in de periode van 1 januari tot en met 30 april;
b. de schietfuik in de periode van 1 oktober tot en met 30 april;
c. het staand net in de periode van 16 maart tot en met 30 juni;
d. het aalhoekwant in de periode van 1 november tot en met 11 april;
e. het aalkistje in de periode van 1 november tot en met 11 april;
f. de aaskuil in de periode van 1 november tot en met 11 april;
g. de zegen in de periode van 16 maart tot en met 31 oktober.
2. Het is verboden te vissen in het IJsselmeer met het staand net, het aalhoekwant of het aalkistje van vrijdagmiddag 16.00 uur tot de daaropvolgende maandagmorgen 8.00 uur.
3. Het is verboden te vissen in het IJsselmeer met de aaskuil van donderdag zonsondergang tot de daaropvolgende maandag 8.00 uur en voorts dagelijks van zonsondergang tot de daaropvolgende morgen 8.00 uur.
4. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid, onderdelen a en b, is het toegestaan te vissen met de grote fuik en de schietfuik ten behoeve van de vangst van spiering gedurende een periode die de minister daartoe jaarlijks kan vaststellen, welke periode is gelegen in het tijdvak dat een aanvang neemt op 1 maart en eindigt uiterlijk vijf weken nadien.
5. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid, onderdeel a, is het toegestaan in de periode van 1 januari tot en met 30 april te vissen met de grote fuik mits in het achterste deel van de fuik een netwerk, bestaande uit tenminste 80 mazen met een maaswijdte van tenminste 40 mm is aangebracht achter de laatste inkeling zodanig dat deze mazen in de te water staande fuik vierkant van vorm zijn en vis via deze mazen uit de fuik kan ontsnappen.