BWBR0005854
Geldig vanaf 1993-02-02
Artikel 10
Privacyreglement Recidiveregister WAM
1. Uit de registratie worden aan de volgende personen en/of instanties uitsluitend de volgende gegevens verstrekt:
a. aan de personen bedoeld in artikel 9 met inachtneming van de daar genoemde beperkingen: alle in artikel 6 genoemde gegevens;
b. aan politie-ambtenaren, als bedoeld in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering, krachtens artikel 37 WAM belast met het opsporen van overtredingen van artikel 30 WAM: desgevraagd alle in artikel 6 genoemde gegevens;
c. aan de parketten van het openbaar ministerie en de justitiële documentatiedienst: alle in artikel 6 genoemde gegevens;
d. aan door de geregistreerde bij bijzondere volmacht aangewezen personen: alle in artikel 6 genoemde gegevens.
2. Verstrekking van persoonsgegevens aan andere dan de in het eerste lid genoemde personen en/of instanties ten behoeve van wetenschappelijk onderzoek, kan alleen plaatsvinden nadat daartoe schriftelijk toestemming is verleend door de Minister van Justitie en met inachtneming van de door deze gestelde voorwaarden.
Van een dergelijke gegevensverstrekking wordt aantekening gehouden.
3. Niet op individuele personen herleidbare gegevens uit de registratie mogen uitsluitend worden verstrekt aan:
de Minister van Justitie;
CBS;
toezichthouder;
andere personen en/of instanties, voor zover daartoe door de houder van de registratie schriftelijk toestemming is verleend.
Een verstrekking als in dit lid bedoeld vindt plaats door middel van overzichtslijsten.
a. aan de personen bedoeld in artikel 9 met inachtneming van de daar genoemde beperkingen: alle in artikel 6 genoemde gegevens;
b. aan politie-ambtenaren, als bedoeld in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering, krachtens artikel 37 WAM belast met het opsporen van overtredingen van artikel 30 WAM: desgevraagd alle in artikel 6 genoemde gegevens;
c. aan de parketten van het openbaar ministerie en de justitiële documentatiedienst: alle in artikel 6 genoemde gegevens;
d. aan door de geregistreerde bij bijzondere volmacht aangewezen personen: alle in artikel 6 genoemde gegevens.
2. Verstrekking van persoonsgegevens aan andere dan de in het eerste lid genoemde personen en/of instanties ten behoeve van wetenschappelijk onderzoek, kan alleen plaatsvinden nadat daartoe schriftelijk toestemming is verleend door de Minister van Justitie en met inachtneming van de door deze gestelde voorwaarden.
Van een dergelijke gegevensverstrekking wordt aantekening gehouden.
3. Niet op individuele personen herleidbare gegevens uit de registratie mogen uitsluitend worden verstrekt aan:
de Minister van Justitie;
CBS;
toezichthouder;
andere personen en/of instanties, voor zover daartoe door de houder van de registratie schriftelijk toestemming is verleend.
Een verstrekking als in dit lid bedoeld vindt plaats door middel van overzichtslijsten.