BWBR0005844
Geldig vanaf 1993-01-23
Artikel 3
Instelling begeleidingscommissie Onderzoek late problematiek Indische Jeugdige Oorlogsgetroffenen
1. De begeleidingscommissie bestaat uit een onafhankelijk voorzitter, twee onafhankelijke deskundigen en vier leden namens de betrokken organisaties voor oorlogsgetroffenen.
2. De Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur benoemt en ontslaat de voorzitter, de deskundigen en de leden van de begeleidingscommissie.
3. De Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur voegt een medewerker van de Directie Verzetsdeelnemers, Vervolgden en Burgeroorlogsgetroffenen als secretaris aan de begeleidingscommissie toe.
4. De secretaris is voor de uitoefening van zijn taak uitsluitend verantwoording schuldig aan de begeleidingscommissie.
2. De Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur benoemt en ontslaat de voorzitter, de deskundigen en de leden van de begeleidingscommissie.
3. De Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur voegt een medewerker van de Directie Verzetsdeelnemers, Vervolgden en Burgeroorlogsgetroffenen als secretaris aan de begeleidingscommissie toe.
4. De secretaris is voor de uitoefening van zijn taak uitsluitend verantwoording schuldig aan de begeleidingscommissie.