BWBR0005753
Geldig vanaf 1992-12-16
Artikel 5
Regeling bezwarenprocedure functiewaardering personeel BVE en AOC
1. De bezwarencommissie bestaat uit een voorzitter tevens lid en twee leden, en hun plaatsvervangers.
2. De voorzitter en diens plaatvervanger worden benoemd door het bevoegd gezag in overeenstemming met het georganiseerd overleg op instellingsniveau.
3. De voorzitter van een gezamenlijke bezwarencommissie en diens plaatsvervanger worden benoemd door de bevoegde gezagsorganen van de betrokken instellingen in overeenstemming met het overkoepelend georganiseerd overleg op instellingsniveau.
4. De voorzitter wijst een lid en een plaatsvervangend lid aan op voordracht van het bevoegd gezag of van de bevoegde gezagsorganen en een lid en een plaatsvervangend lid op voordracht van de centrales van overheids- en onderwijspersoneel.
5. Leden en plaatsvervangend leden die in dienst zijn van de instelling, waarvan het bevoegd gezag advies gevraagd heeft, onthouden zich in voorkomende gevallen van deelname aan de werkzaamheden van de bezwarencommissie.
2. De voorzitter en diens plaatvervanger worden benoemd door het bevoegd gezag in overeenstemming met het georganiseerd overleg op instellingsniveau.
3. De voorzitter van een gezamenlijke bezwarencommissie en diens plaatsvervanger worden benoemd door de bevoegde gezagsorganen van de betrokken instellingen in overeenstemming met het overkoepelend georganiseerd overleg op instellingsniveau.
4. De voorzitter wijst een lid en een plaatsvervangend lid aan op voordracht van het bevoegd gezag of van de bevoegde gezagsorganen en een lid en een plaatsvervangend lid op voordracht van de centrales van overheids- en onderwijspersoneel.
5. Leden en plaatsvervangend leden die in dienst zijn van de instelling, waarvan het bevoegd gezag advies gevraagd heeft, onthouden zich in voorkomende gevallen van deelname aan de werkzaamheden van de bezwarencommissie.