BWBR0005694
Geldig vanaf 1992-11-05
Artikel 1
Aanwijzing opsporingsambtenaren
Als ambtenaren, belast met de opsporing van overtredingen van de voorschriften gesteld bij of krachtens de artikelen 2, 3 en 4, vijfde lid, van de Wet van 27 juni 1963 tot uitvoering van de verordening nr. 11 van de Raad van de Europese Economische Gemeenschap (Stb. 1963, 344), bij of krachtens de artikelen 2, 4en 5, derde lid, van de Wet vrachtprijzen vervoer van kolen en staal(Stb. 1963, 343) en bij of krachtens de Wet Personenvervoer (Stb. 1987, 175), voor zover deze overtredingen economische delicten zijn in de zin van artikel 1 van de Wet op de economische delictenworden aangewezen:
a). de Directeur-Generaal voor het Vervoer;
b). de Inspecteur van het Verkeer;
c). de aan de Inspecteur-Generaal van het Verkeer toegevoegde Rijkshoofdinspecteur van het Verkeer;
d). de bestuursmedewerkers Controle;
e). de unitmanagers Controle;
f). de plaatsvervangend unitmanagers Controle;
g). de Rijkshoofdcontroleurs van het Verkeer;
h). de Rijkscontroleurs van het Verkeer.
a). de Directeur-Generaal voor het Vervoer;
b). de Inspecteur van het Verkeer;
c). de aan de Inspecteur-Generaal van het Verkeer toegevoegde Rijkshoofdinspecteur van het Verkeer;
d). de bestuursmedewerkers Controle;
e). de unitmanagers Controle;
f). de plaatsvervangend unitmanagers Controle;
g). de Rijkshoofdcontroleurs van het Verkeer;
h). de Rijkscontroleurs van het Verkeer.