BWBR0005659
Geldig vanaf 1992-09-30
Artikel 5
Besluit uitkeringen bedrijfsomgeving stedelijke knooppunten
1. Een aanvraag om een uitkering wordt schriftelijk ingediend bij Onze Minister,
a. met betrekking tot het kalenderjaar 1992 voor 1 oktober 1992,
b. met betrekking tot het kalenderjaar 1993 in december 1992 en
c. met betrekking tot het kalenderjaar 1994 in december 1993;
d. met betrekking tot het kalenderjaar 1995 in januari 1995.
2. Een aanvraag wordt ingediend door een in artikel 2genoemde gemeente. Indien de aanvraag wordt ingediend door een der gemeenten, genoemd in artikel 2, onder f, h of i, wordt de aanvraag ingediend mede namens de andere gemeente.
3. Een eerste aanvraag gaat vergezeld van een meerjarenplan, gericht op de verbetering van het vestigingsklimaat voor nieuwe en reeds gevestigde internationaal opererende bedrijven in het desbetreffende stedelijke knooppunt en zijn directe omgeving. Het meerjarenplan bevat ten minste de sterke en zwakke punten in het vestigingsklimaat voor nieuwe en reeds gevestigde internationaal opererende bedrijven en de prioriteiten die worden gesteld bij de verbetering daarvan.
4. De aanvraag met betrekking tot 1994 en 1995 gaat vergezeld van een verslag omtrent de uitvoering van het meerjarenplan, van een overzicht van de verplichtingen die zijn aangegaan met gebruikmaking van de uitkeringen op grond van dit besluit en van een aanduiding van de aanpassingen die het meerjarenplan eventueel behoeft.
a. met betrekking tot het kalenderjaar 1992 voor 1 oktober 1992,
b. met betrekking tot het kalenderjaar 1993 in december 1992 en
c. met betrekking tot het kalenderjaar 1994 in december 1993;
d. met betrekking tot het kalenderjaar 1995 in januari 1995.
2. Een aanvraag wordt ingediend door een in artikel 2genoemde gemeente. Indien de aanvraag wordt ingediend door een der gemeenten, genoemd in artikel 2, onder f, h of i, wordt de aanvraag ingediend mede namens de andere gemeente.
3. Een eerste aanvraag gaat vergezeld van een meerjarenplan, gericht op de verbetering van het vestigingsklimaat voor nieuwe en reeds gevestigde internationaal opererende bedrijven in het desbetreffende stedelijke knooppunt en zijn directe omgeving. Het meerjarenplan bevat ten minste de sterke en zwakke punten in het vestigingsklimaat voor nieuwe en reeds gevestigde internationaal opererende bedrijven en de prioriteiten die worden gesteld bij de verbetering daarvan.
4. De aanvraag met betrekking tot 1994 en 1995 gaat vergezeld van een verslag omtrent de uitvoering van het meerjarenplan, van een overzicht van de verplichtingen die zijn aangegaan met gebruikmaking van de uitkeringen op grond van dit besluit en van een aanduiding van de aanpassingen die het meerjarenplan eventueel behoeft.