BWBR0005643
Geldig vanaf 1993-07-01
Artikel 7
Wet rechtspositionele voorzieningen rampbestrijders
1. De rampbestrijder heeft recht op een ziekengelduitkering indien hij:
a. door ziekten of gebreken ontstaan tijdens de rampbestrijdingsdienst, verhinderd wordt nadien zijn gewone werk te verrichten;
b. door ziekten of gebreken die ontstaan zijn binnen 6 maanden na beëindiging van de rampbestrijdingsdienst en die in overwegende mate hun oorzaak vinden in de rampbestrijdingsdienst, verhinderd wordt zijn gewone werk te verrichten.
2. De ziekengelduitkering, bedoeld in het eerste lid, bedraagt gedurende 12 maanden 100% van de grondslag en daarna gedurende 6 maanden 80% van de grondslag.
3. In afwijking van het tweede lid eindigt de ziekengelduitkering met ingang van de eerste dag van de maand volgende op die waarin de rampbestrijder de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0002221/artikel/7a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet</a>, heeft bereikt.
a. door ziekten of gebreken ontstaan tijdens de rampbestrijdingsdienst, verhinderd wordt nadien zijn gewone werk te verrichten;
b. door ziekten of gebreken die ontstaan zijn binnen 6 maanden na beëindiging van de rampbestrijdingsdienst en die in overwegende mate hun oorzaak vinden in de rampbestrijdingsdienst, verhinderd wordt zijn gewone werk te verrichten.
2. De ziekengelduitkering, bedoeld in het eerste lid, bedraagt gedurende 12 maanden 100% van de grondslag en daarna gedurende 6 maanden 80% van de grondslag.
3. In afwijking van het tweede lid eindigt de ziekengelduitkering met ingang van de eerste dag van de maand volgende op die waarin de rampbestrijder de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0002221/artikel/7a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet</a>, heeft bereikt.