BWBR0005456
Geldig vanaf 1992-05-09
Artikel 5
Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven
1. Bij de verhandeling moet de voor het betrokken levensmiddelenadditief van toepassing zijnde aanduiding worden gebezigd.
2. De in het eerste lid bedoelde aanduiding is het EEG-nummer en de bijbehorende algemeen gebruikelijke naam van het desbetreffende levensmiddelenadditief. Voor zover voor de desbetreffende stof geen EEG-nummer is vastgesteld, is die aanduiding een omschrijving van het levensmiddelenadditief die voldoende nauwkeurig is om deze te kunnen onderscheiden van andere levensmiddelenadditieven waarmee deze kan worden verward.
3. Indien het levensmiddelenadditief tezamen met andere levensmiddelenadditieven worden verhandeld, moeten de desbetreffende aanduidingen in afnemende volgorde van het gewichtsaandeel worden vermeld.
4. Indien een of meer levensmiddelenadditieven tezamen met andere stoffen, materialen of ingrediënten ten behoeve van de bereiding van eet- of drinkwaren worden geïntegreerd om het opslaan, verhandelen, standaardiseren, verdunnen of oplossen ervan te vergemakkelijken, moet de aanduiding, onderscheidenlijk moeten de aanduidingen bij de verhandeling worden vermeld in afnemende volgorde van het gewichtsaandeel.
5. De volgende vermelding moet bij de verhandeling worden gebezigd: "voor gebruik in levensmiddelen", of "voor levensmiddelen, beperkt gebruik", dan wel een meer specifieke vermelding inzake de toepassing in de eet- of drinkwaar waarvoor het levensmiddelenadditief bestemd is.
6. De in dit artikel bedoelde aanduiding en vermeldingen moeten duidelijk zichtbaar, gemakkelijk leesbaar en in een gemakkelijk te begrijpen taal zijn aangebracht, en mogen niet door vegen kunnen worden uitgewist.
2. De in het eerste lid bedoelde aanduiding is het EEG-nummer en de bijbehorende algemeen gebruikelijke naam van het desbetreffende levensmiddelenadditief. Voor zover voor de desbetreffende stof geen EEG-nummer is vastgesteld, is die aanduiding een omschrijving van het levensmiddelenadditief die voldoende nauwkeurig is om deze te kunnen onderscheiden van andere levensmiddelenadditieven waarmee deze kan worden verward.
3. Indien het levensmiddelenadditief tezamen met andere levensmiddelenadditieven worden verhandeld, moeten de desbetreffende aanduidingen in afnemende volgorde van het gewichtsaandeel worden vermeld.
4. Indien een of meer levensmiddelenadditieven tezamen met andere stoffen, materialen of ingrediënten ten behoeve van de bereiding van eet- of drinkwaren worden geïntegreerd om het opslaan, verhandelen, standaardiseren, verdunnen of oplossen ervan te vergemakkelijken, moet de aanduiding, onderscheidenlijk moeten de aanduidingen bij de verhandeling worden vermeld in afnemende volgorde van het gewichtsaandeel.
5. De volgende vermelding moet bij de verhandeling worden gebezigd: "voor gebruik in levensmiddelen", of "voor levensmiddelen, beperkt gebruik", dan wel een meer specifieke vermelding inzake de toepassing in de eet- of drinkwaar waarvoor het levensmiddelenadditief bestemd is.
6. De in dit artikel bedoelde aanduiding en vermeldingen moeten duidelijk zichtbaar, gemakkelijk leesbaar en in een gemakkelijk te begrijpen taal zijn aangebracht, en mogen niet door vegen kunnen worden uitgewist.