BWBR0005395
Geldig vanaf 1992-03-01
Artikel 6
Subsidiëring communautaire Euroform-, Now- en Horizoninitiatieven
1. Voor subsidie komen in aanmerking de noodzakelijk ten behoeve van de voorbereiding, de uitvoering en het beheer van een project te maken kosten, waaronder onder meer begrepen kunnen worden:
a. inkomensvervangende uitkeringen aan cursisten;
b. kosten van lesmateriaal;
c. kosten van aan docenten uit te betalen beloningen of vergoedingen;
d. reis- en verblijfskosten;
e. kosten van beroepskeuzeadvisering;
f. administratiekosten.
2. De subsidie bedraagt 45% van de door de projectuitvoerder feitelijk gemaakte en noodzakelijk te achten kosten, voor zover die een in de toekenningsbeschikking te bepalen maximum niet te boven gaan.
3. Het maximum, bedoeld in het tweede lid, is gelijk aan het totaal van de voorbereidings-, uitvoerings- en beheerskosten van het project, zoals door de projectuitvoerder geraamd in zijn subsidie-aanvraag, met dien verstande, dat bepaalde, in de toekenningsbeschikking te vermelden, kostenposten buiten beschouwing kunnen worden gelaten dan wel op een lager bedrag kunnen worden vastgesteld, voor zover de desbetreffende uitgaven redelijkerwijs niet noodzakelijk geacht kunnen worden voor de uitvoering van het project.
4. Geen recht op subsidie bestaat voor kosten die uit anderen hoofde worden gesubsidieerd.
a. inkomensvervangende uitkeringen aan cursisten;
b. kosten van lesmateriaal;
c. kosten van aan docenten uit te betalen beloningen of vergoedingen;
d. reis- en verblijfskosten;
e. kosten van beroepskeuzeadvisering;
f. administratiekosten.
2. De subsidie bedraagt 45% van de door de projectuitvoerder feitelijk gemaakte en noodzakelijk te achten kosten, voor zover die een in de toekenningsbeschikking te bepalen maximum niet te boven gaan.
3. Het maximum, bedoeld in het tweede lid, is gelijk aan het totaal van de voorbereidings-, uitvoerings- en beheerskosten van het project, zoals door de projectuitvoerder geraamd in zijn subsidie-aanvraag, met dien verstande, dat bepaalde, in de toekenningsbeschikking te vermelden, kostenposten buiten beschouwing kunnen worden gelaten dan wel op een lager bedrag kunnen worden vastgesteld, voor zover de desbetreffende uitgaven redelijkerwijs niet noodzakelijk geacht kunnen worden voor de uitvoering van het project.
4. Geen recht op subsidie bestaat voor kosten die uit anderen hoofde worden gesubsidieerd.