BWBR0005247
Geldig vanaf 1992-06-01
Artikel 16
Uitvoeringswet Verdrag inzake de toegang tot de rechter in internationale gevallen en Europese Overeenkomst inzake het doorzenden van verzoeken om rechtsbijstand
1. De ontvangende centrale autoriteit zendt het verzoek om uitvoerbaarverklaring, indien dit naar haar oordeel voldoet aan de bepalingen van het Verdrag, ter behandeling toe aan de in artikel 17genoemde rechtbank. Bij dit verzoek is de bijstand van een advocaat niet vereist.
2. De ontvangende centrale autoriteit stelt de verzendende autoriteit van de Staat waaruit het verzoek afkomstig is in kennis van de op het verzoek gegeven beslissing en, indien deze strekt tot afwijzing van het verzoek, van de redenen daarvan. De mededeling moet zijn gesteld of vertaald in een van de talen, bedoeld in artikel 7, derde lid, van het Verdrag.
2. De ontvangende centrale autoriteit stelt de verzendende autoriteit van de Staat waaruit het verzoek afkomstig is in kennis van de op het verzoek gegeven beslissing en, indien deze strekt tot afwijzing van het verzoek, van de redenen daarvan. De mededeling moet zijn gesteld of vertaald in een van de talen, bedoeld in artikel 7, derde lid, van het Verdrag.