BWBR0005137
Geldig vanaf 2001-11-07
Artikel 10
Verplaatsingskostenbesluit militairen
1. Ten aanzien van verhuizingen als bedoeld in artikel 2, eerste lid, is de tegemoetkoming in de verhuiskosten gelijk aan een tegemoetkoming in:
a. de reis- en verblijfkosten binnen Nederland die voor de militair en zijn echtgenote zijn verbonden aan één reis ter bezichtiging van woonruimte;
b. de reis- en verblijfkosten bij een verplaatsing naar een land buiten Nederland, die voor de militair en zijn echtgenote zijn verbonden aan een reis ter bezichtiging van onder meer woonruimte en scholen;
c. de reis- en verblijfkosten die voor de militair en zijn gezinsleden zijn verbonden aan de reis naar de nieuwe woning;
d. de transportkosten;
e. de dubbele woonlasten;
f. de kosten van de tussenpersoon, voor zover deze in rekening wordt gebracht ter verwerving van een huurwoning;
g. overige kosten, mits een eigen huishouding wordt gevoerd op de datum van de verplaatsing of de indiensttreding en de eigen huishouding wordt voorgezet na de verhuizing.
2. Bij ministeriële regeling worden nadere voorwaarden vastgesteld omtrent de maximale duur van de reis, bedoeld in het eerste lid, onder b.
a. de reis- en verblijfkosten binnen Nederland die voor de militair en zijn echtgenote zijn verbonden aan één reis ter bezichtiging van woonruimte;
b. de reis- en verblijfkosten bij een verplaatsing naar een land buiten Nederland, die voor de militair en zijn echtgenote zijn verbonden aan een reis ter bezichtiging van onder meer woonruimte en scholen;
c. de reis- en verblijfkosten die voor de militair en zijn gezinsleden zijn verbonden aan de reis naar de nieuwe woning;
d. de transportkosten;
e. de dubbele woonlasten;
f. de kosten van de tussenpersoon, voor zover deze in rekening wordt gebracht ter verwerving van een huurwoning;
g. overige kosten, mits een eigen huishouding wordt gevoerd op de datum van de verplaatsing of de indiensttreding en de eigen huishouding wordt voorgezet na de verhuizing.
2. Bij ministeriële regeling worden nadere voorwaarden vastgesteld omtrent de maximale duur van de reis, bedoeld in het eerste lid, onder b.