BWBR0004836
Geldig vanaf 1990-08-02
Artikel 3
Beschikking tijdelijke inkomenssteun in de akkerbouw
1. Inkomenssteun kan worden verleend aan natuurlijke en rechtspersonen.
2. Inkomenssteun kan slechts worden verleend aan natuurlijke personen, indien:
a. zij blijkens de gegevens van de landbouwtellingen van 1987 en 1988 als bedrijfshoofd voor eigen rekening en risico een akkerbouwbedrijf hebben geëxploiteerd;
b. zij volgens de gegevens van de landbouwtelling van 1989 en op het moment van de indiening van de aanvraag als bedrijfshoofd hun hoofdberoep op dit bedrijf hebben respectievelijk als lid van het gezin een individuele arbeidsprestatie van tenminste 25% van een arbeidsjaareenheid op dit bedrijf leveren;
c. blijkens de gegevens van de landbouwtelling van 1989 van de totale oppervlakte aan cultuurgrond van dit bedrijf tenminste 30% wordt gebruikt voor de teelt van marktordeningsgewassen;
d. zij op het moment van de indiening van de aanvraag de leeftijd van 65 jaar nog niet hebben bereikt;
e. zij op het moment van indiening van de aanvraag geen recht hebben op een bijdrage ingevolge de Stimuleringsregeling bedrijfsbeëindiging en structuurverbetering in de akkerbouw (Stcrt. 1990, ...).
3. Inkomenssteun kan slechts worden verleend aan rechtspersonen, indien:
a. zij blijkens de gegevens van de landbouwtellingen van 1987 en 1988 voor eigen rekening en risico een akkerbouwbedrijf hebben geëxploiteerd;
b. volgens de gegevens van de landbouwtelling van 1989 en op het moment van de indiening van de aanvraag de directeur/bedrijfsleider zijn hoofdberoep op dit bedrijf heeft;
c. dit bedrijf op het moment van de indiening van de aanvraag voor eigen rekening en risico geëxploiteerd wordt en van de totale oppervlakte aan cultuurgrond van het bedrijf tenminste 30% wordt gebruikt voor de teelt van marktordeningsgewassen;
d. de directeur/bedrijfsleider op het moment van indiening van de aanvraag de leeftijd van 65 jaar nog niet heeft bereikt;
e. de directeur/bedrijfsleider op het moment van de indiening van de aanvraag geen recht heeft op een bijdrage ingevolge de Stimuleringsregeling bedrijfsbeëindiging en structuurverbetering in de akkerbouw.
4. Indien meer dan een natuurlijke persoon en/of rechtspersoon een akkerbouwbedrijf uitoefenen, kan inkomenssteun slechts worden verleend:
a. indien zij blijkens de gegevens van de landbouwtellingen van 1987 en 1988 voor rekening en risico van hen gezamenlijk een akkerbouwbedrijf hebben geëxploiteerd;
b. indien volgens de gegevens van de landbouwtelling van 1989 en op het moment van de indiening van de aanvraag het bedrijfshoofd respectievelijk de directeur/bedrijfsleider zijn hoofdberoep op dit bedrijf heeft;
c. indien dit bedrijf op het moment van de indiening van de aanvraag voor rekening en risico van hen gezamenlijk geëxploiteerd wordt en van de totale oppervlakte aan cultuurgrond van het bedrijf tenminste 30% wordt gebruikt voor de teelt van marktordeningsgewassen;
d. aan de natuurlijke personen dan wel de directeuren/bedrijfsleiders die op het moment van de indiening van de aanvraag de leeftijd van 65 jaar nog niet hebben bereikt;
e. aan de onder d bedoelde personen die op het moment van de indiening van de aanvraag geen recht hebben op een bijdrage ingevolge de Stimuleringsregeling bedrijfsbeëindiging en structuurverbetering in de akkerbouw.
5. In de gevallen zoals bedoeld in het derde en vierde lid is het in het tweede lid onder b en d bepaalde van overeenkomstige toepassing op de leden van het gezin.
2. Inkomenssteun kan slechts worden verleend aan natuurlijke personen, indien:
a. zij blijkens de gegevens van de landbouwtellingen van 1987 en 1988 als bedrijfshoofd voor eigen rekening en risico een akkerbouwbedrijf hebben geëxploiteerd;
b. zij volgens de gegevens van de landbouwtelling van 1989 en op het moment van de indiening van de aanvraag als bedrijfshoofd hun hoofdberoep op dit bedrijf hebben respectievelijk als lid van het gezin een individuele arbeidsprestatie van tenminste 25% van een arbeidsjaareenheid op dit bedrijf leveren;
c. blijkens de gegevens van de landbouwtelling van 1989 van de totale oppervlakte aan cultuurgrond van dit bedrijf tenminste 30% wordt gebruikt voor de teelt van marktordeningsgewassen;
d. zij op het moment van de indiening van de aanvraag de leeftijd van 65 jaar nog niet hebben bereikt;
e. zij op het moment van indiening van de aanvraag geen recht hebben op een bijdrage ingevolge de Stimuleringsregeling bedrijfsbeëindiging en structuurverbetering in de akkerbouw (Stcrt. 1990, ...).
3. Inkomenssteun kan slechts worden verleend aan rechtspersonen, indien:
a. zij blijkens de gegevens van de landbouwtellingen van 1987 en 1988 voor eigen rekening en risico een akkerbouwbedrijf hebben geëxploiteerd;
b. volgens de gegevens van de landbouwtelling van 1989 en op het moment van de indiening van de aanvraag de directeur/bedrijfsleider zijn hoofdberoep op dit bedrijf heeft;
c. dit bedrijf op het moment van de indiening van de aanvraag voor eigen rekening en risico geëxploiteerd wordt en van de totale oppervlakte aan cultuurgrond van het bedrijf tenminste 30% wordt gebruikt voor de teelt van marktordeningsgewassen;
d. de directeur/bedrijfsleider op het moment van indiening van de aanvraag de leeftijd van 65 jaar nog niet heeft bereikt;
e. de directeur/bedrijfsleider op het moment van de indiening van de aanvraag geen recht heeft op een bijdrage ingevolge de Stimuleringsregeling bedrijfsbeëindiging en structuurverbetering in de akkerbouw.
4. Indien meer dan een natuurlijke persoon en/of rechtspersoon een akkerbouwbedrijf uitoefenen, kan inkomenssteun slechts worden verleend:
a. indien zij blijkens de gegevens van de landbouwtellingen van 1987 en 1988 voor rekening en risico van hen gezamenlijk een akkerbouwbedrijf hebben geëxploiteerd;
b. indien volgens de gegevens van de landbouwtelling van 1989 en op het moment van de indiening van de aanvraag het bedrijfshoofd respectievelijk de directeur/bedrijfsleider zijn hoofdberoep op dit bedrijf heeft;
c. indien dit bedrijf op het moment van de indiening van de aanvraag voor rekening en risico van hen gezamenlijk geëxploiteerd wordt en van de totale oppervlakte aan cultuurgrond van het bedrijf tenminste 30% wordt gebruikt voor de teelt van marktordeningsgewassen;
d. aan de natuurlijke personen dan wel de directeuren/bedrijfsleiders die op het moment van de indiening van de aanvraag de leeftijd van 65 jaar nog niet hebben bereikt;
e. aan de onder d bedoelde personen die op het moment van de indiening van de aanvraag geen recht hebben op een bijdrage ingevolge de Stimuleringsregeling bedrijfsbeëindiging en structuurverbetering in de akkerbouw.
5. In de gevallen zoals bedoeld in het derde en vierde lid is het in het tweede lid onder b en d bepaalde van overeenkomstige toepassing op de leden van het gezin.