BWBR0004786
Geldig vanaf 1990-06-29
Artikel 5
Beschikking toewijzing radio-frequenties ten behoeve van de concessiehouder van de telecommunicatie-infrastructuur
1. De houder van de concessie zal al het mogelijke doen wat redelijkerwijs van hem verwacht mag worden om te voorkomen dat het door hem uitgeoefende gebruik van de toegewezen frequenties storing of belemmering zal veroorzaken in zend- en ontvanginrichtingen werkend in de niet aan hem toegewezen delen van het frequentiespectrum dan wel in overige elektrische of elektronische inrichtingen.
2. De houder van de concessie dient voorts medewerking te verlenen aan de behandeling van klachten over storing door de door hem gebruikte elektrische en elektronische inrichtingen, welke behandeling geschiedt overeenkomstig de regeling klachtbehandeling elektrische inrichtingen van 19 december 1988/TP10.401 (Stcrt. 1988, nr. 254).
2. De houder van de concessie dient voorts medewerking te verlenen aan de behandeling van klachten over storing door de door hem gebruikte elektrische en elektronische inrichtingen, welke behandeling geschiedt overeenkomstig de regeling klachtbehandeling elektrische inrichtingen van 19 december 1988/TP10.401 (Stcrt. 1988, nr. 254).