BWBR0004766
Geldig vanaf 2022-12-02
Artikel 40c
Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990
1. Ingeval een verplichting ingevolge een pensioenregeling in een situatie als bedoeld in artikel 19b, zesde lid, van de Wet op de loonbelasting 1964overgaat op een niet in Nederland gevestigd pensioenfonds of lichaam dat het verzekeringsbedrijf uitoefent, kan de ontvanger onder door hem te stellen voorwaarden aan de verzekeraar die op grond van artikel 44b, eerste lid, van de wetaansprakelijk is een schriftelijke verklaring doen toekomen inhoudende een onherroepelijke mededeling dat de aansprakelijkheid niet langer geldt voor de in dat artikelbedoelde loon- en inkomstenbelasting alsmede revisierente.
2. Indien de pensioenverplichting is overgegaan op een niet in een van de lidstaten van de Europese Unie, in Noorwegen, in IJsland, in Liechtenstein of in Zwitserland gevestigd pensioenfonds of lichaam geeft de ontvanger de in het eerste lid bedoelde verklaring af op schriftelijk verzoek van de verzekeraar die op grond van artikel 44b, eerste lid, van de wetaansprakelijk is, mits het pensioenfonds of lichaam zich bij overeenkomst garant stelt voor de voldoening van de in artikel 44b, eerste lid, van de wet bedoelde loon- en inkomstenbelasting alsmede revisierente.
3. Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing indien de verzekeringnemer of de gerechtigde voldoende zekerheid heeft gesteld.
2. Indien de pensioenverplichting is overgegaan op een niet in een van de lidstaten van de Europese Unie, in Noorwegen, in IJsland, in Liechtenstein of in Zwitserland gevestigd pensioenfonds of lichaam geeft de ontvanger de in het eerste lid bedoelde verklaring af op schriftelijk verzoek van de verzekeraar die op grond van artikel 44b, eerste lid, van de wetaansprakelijk is, mits het pensioenfonds of lichaam zich bij overeenkomst garant stelt voor de voldoening van de in artikel 44b, eerste lid, van de wet bedoelde loon- en inkomstenbelasting alsmede revisierente.
3. Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing indien de verzekeringnemer of de gerechtigde voldoende zekerheid heeft gesteld.