Als tijdstip bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de wet waarop voor een nieuw ras kwekersrecht kan worden verleend, wordt voor rassen van alle gewassen behorend tot het plantenrijk bepaald: het tijdstip van in werking treden van dit besluit.
De duur van het kwekersrecht bedraagt:
- 30 jaar voor rassen van aardappel, acacia, appel, es, iep, kers, peer, populier, pruim en wilg;
- 25 jaar voor rassen van de overige gewassen.