BWBR0004708
Geldig vanaf 1990-02-03
Artikel 8
Investeringspremieregeling zeescheepvaart 1990
1. Vervallen
2. De aanvragen om toekenning van een investeringspremie worden beoordeeld door een ambtelijke commissie, die de minister van Verkeer en Waterstaat ter zake adviseert. De commissie kan van de investeerder de door haar noodzakelijk geachte gegevens voor de beoordeling van de aanvraag verlangen.
3. Indien het investeringsbedrag niet is uitgedrukt in Nederlandse guldens kan de minister van Verkeer en Waterstaat bij de toekenning van de investeringspremie een maximum omrekeningskoers vaststellen.
4. Het investeringsbedrag, waarover premie wordt verleend, wordt definitief vastgesteld door de minister van Verkeer en Waterstaat, mede aan de hand van een uitgebreide specificatie van het met het gepremieerde project gemoeide fiscaal geactiveerde investeringsbedrag. Deze specificatie dient gewaarmerkt te zijn door een externe accountant en dient binnen twee jaar na de (her)ingebruikneming van het zeeschip te worden toegezonden aan de Directeur-Generaal Goederenvervoer.
5. De Directeur-Generaal Goederenvervoer en door hem aan te wijzen instanties dienen op hun verzoek, ten tijde en ter plaatse van hun keuze, door de investeerder in de gelegenheid te worden gesteld inlichtingen in te winnen of te doen inwinnen welke voor een juiste uitvoering van deze regeling noodzakelijk worden geacht.
2. De aanvragen om toekenning van een investeringspremie worden beoordeeld door een ambtelijke commissie, die de minister van Verkeer en Waterstaat ter zake adviseert. De commissie kan van de investeerder de door haar noodzakelijk geachte gegevens voor de beoordeling van de aanvraag verlangen.
3. Indien het investeringsbedrag niet is uitgedrukt in Nederlandse guldens kan de minister van Verkeer en Waterstaat bij de toekenning van de investeringspremie een maximum omrekeningskoers vaststellen.
4. Het investeringsbedrag, waarover premie wordt verleend, wordt definitief vastgesteld door de minister van Verkeer en Waterstaat, mede aan de hand van een uitgebreide specificatie van het met het gepremieerde project gemoeide fiscaal geactiveerde investeringsbedrag. Deze specificatie dient gewaarmerkt te zijn door een externe accountant en dient binnen twee jaar na de (her)ingebruikneming van het zeeschip te worden toegezonden aan de Directeur-Generaal Goederenvervoer.
5. De Directeur-Generaal Goederenvervoer en door hem aan te wijzen instanties dienen op hun verzoek, ten tijde en ter plaatse van hun keuze, door de investeerder in de gelegenheid te worden gesteld inlichtingen in te winnen of te doen inwinnen welke voor een juiste uitvoering van deze regeling noodzakelijk worden geacht.