BWBR0004653
Geldig vanaf 1990-01-01
Artikel 2
Besluit radar- en bochtaanwijzerapparatuur Rijnvaart 1989
1. Voor de Rijn in Nederland met inbegrip van de Waal en de Lek zijn van kracht de Voorschriften omtrent de minimum eisen en de keuringsvoorwaarden voor bochtaanwijzers voor de Rijnvaart, die zijn gevoegd bij dit besluit.
2. Typen van bochtaanwijzers die voor de Rijnvaart zijn goedgekeurd met inachtneming van de resolutie van de Centrale Commissie voor de Rijnvaart van 23 april 1969 (protocol 1969-II-18) worden met ingang van 1 januari 2000 niet meer in een schip ingebouwd. Is de goedkeuring geschied voor 1 januari 1990, dan is het gebruik van deze bochtaanwijzers tot 1 januari 2010 aan boord van een schip toegestaan indien een geldige verklaring omtrent inbouw en functioneren daarvan aanwezig is.
3. Onze Minister van Verkeer en Waterstaat is de bevoegde autoriteit voor Nederland bedoeld in de in het eerste lid vermelde voorschriften, tenzij door hem anders is bepaald.
2. Typen van bochtaanwijzers die voor de Rijnvaart zijn goedgekeurd met inachtneming van de resolutie van de Centrale Commissie voor de Rijnvaart van 23 april 1969 (protocol 1969-II-18) worden met ingang van 1 januari 2000 niet meer in een schip ingebouwd. Is de goedkeuring geschied voor 1 januari 1990, dan is het gebruik van deze bochtaanwijzers tot 1 januari 2010 aan boord van een schip toegestaan indien een geldige verklaring omtrent inbouw en functioneren daarvan aanwezig is.
3. Onze Minister van Verkeer en Waterstaat is de bevoegde autoriteit voor Nederland bedoeld in de in het eerste lid vermelde voorschriften, tenzij door hem anders is bepaald.