BWBR0004607
Geldig vanaf 30-12-1997
Artikel 350
Vissersvaartuigenbesluit
1. In het belang van de veiligheid van vaartuigen en hun opvarenden kan het Hoofd van de Scheepvaartinspectie, in overeenstemming met de Chef van de Marinestaf, bijzondere voorschriften geven voor nader door hem aan te wijzen vaartuigen, in tijden van oorlog, oorlogsgevaar en daaraan verwante of daarmede verband houdende buitengewone omstandigheden.
2. Ter voorkoming van ongevallen ten gevolge van nog aanwezige gevaren die voortvloeien uit oorlog, oorlogsgevaar en daaraan verwante of daarmede verband houdende buitengewone omstandigheden, kan het Hoofd van de Scheepvaartinspectie bijzondere voorschriften geven.
3. De bijzondere voorschriften, bedoeld in het eerste en het tweede lid, treden buiten werking zes maanden na de datum van afkondiging, tenzij zij inmiddels bij algemene maatregel van bestuur zijn bekrachtigd.
2. Ter voorkoming van ongevallen ten gevolge van nog aanwezige gevaren die voortvloeien uit oorlog, oorlogsgevaar en daaraan verwante of daarmede verband houdende buitengewone omstandigheden, kan het Hoofd van de Scheepvaartinspectie bijzondere voorschriften geven.
3. De bijzondere voorschriften, bedoeld in het eerste en het tweede lid, treden buiten werking zes maanden na de datum van afkondiging, tenzij zij inmiddels bij algemene maatregel van bestuur zijn bekrachtigd.
- Citeren als
- Art. 350
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0004607
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl