BWBR0004080
Geldig vanaf 1987-01-01
Artikel 2
Uitvoeringsbesluiten
1. De verdeling van de lasten van de aanvullende uitkering over het AAF en AOF geschiedt zodanig dat ten laste komt van:
a. het AAF het deel, dat wordt bepaald door de verhouding tussen de grondslag, waarnaar de uitkering op grond van de AAW wordt berekend, en 100/107,5 van het dagloon, waarnaar de uitkering op grond van de WAO wordt berekend;
b. het AOF het andere deel.
2. Met betrekking tot de verdeling van de lasten van de aanvullende vervolguitkering over het AAF en het AOF is het eerste lid van overeenkomstige toepassing.
a. het AAF het deel, dat wordt bepaald door de verhouding tussen de grondslag, waarnaar de uitkering op grond van de AAW wordt berekend, en 100/107,5 van het dagloon, waarnaar de uitkering op grond van de WAO wordt berekend;
b. het AOF het andere deel.
2. Met betrekking tot de verdeling van de lasten van de aanvullende vervolguitkering over het AAF en het AOF is het eerste lid van overeenkomstige toepassing.