BWBR0003799
Geldig vanaf 1985-06-01
Artikel 3
Regeling erkenning ruiterexamen
1. Om te kunnen worden erkend dient een ruiterexamen te bestaan uit een theoretisch en praktisch gedeelte, die voldoen aan het bepaalde in de volgende leden.
2. Het theoretische gedeelte bestaat uit een schriftelijke toets, welke in ieder geval vragen over de volgende onderwerpen bevat:
a. kennis van de dagelijkse verzorging van het paard of pony;
b. het correct passen van het harnachement;
c. het exterieur van het paard of pony;
d. de correcte houding te paard of pony;
e. de gedragsregels voor ruiters;
f. kennis natuurlijke waarden van terrein.
3. Het praktische gedeelte bevat een buitenrit of het rijden op een buitenterrein van minimaal 3000m gedurende 30 minuten, waarbij in ieder geval de volgende onderdelen worden beoordeeld:
a. elementaire kennis van de correcte houding;
b. beheersing van het paard of pony.
c. omgang van de ruiter met het paard of pony.
4. Het bepaalde in het tweede en derde lid dient te worden vastgelegd in een programma van eisen dat de goedkeuring van de minister behoeft.
5. Alvorens te worden vastgelegd, behoeven wijzigingen in het programma van eisen de goedkeuring van de minister.
2. Het theoretische gedeelte bestaat uit een schriftelijke toets, welke in ieder geval vragen over de volgende onderwerpen bevat:
a. kennis van de dagelijkse verzorging van het paard of pony;
b. het correct passen van het harnachement;
c. het exterieur van het paard of pony;
d. de correcte houding te paard of pony;
e. de gedragsregels voor ruiters;
f. kennis natuurlijke waarden van terrein.
3. Het praktische gedeelte bevat een buitenrit of het rijden op een buitenterrein van minimaal 3000m gedurende 30 minuten, waarbij in ieder geval de volgende onderdelen worden beoordeeld:
a. elementaire kennis van de correcte houding;
b. beheersing van het paard of pony.
c. omgang van de ruiter met het paard of pony.
4. Het bepaalde in het tweede en derde lid dient te worden vastgelegd in een programma van eisen dat de goedkeuring van de minister behoeft.
5. Alvorens te worden vastgelegd, behoeven wijzigingen in het programma van eisen de goedkeuring van de minister.