BWBR0003772
Geldig vanaf 1985-07-01
Artikel 4
Besluit inzake vleesprodukten, vleesbereidingen en bepaalde andere produkten van dierlijke oorsprong uit andere lid-staten
1. Het is verboden uit één der andere lid-staten van de Europese Unie naar Nederland verzonden vleesprodukten, vleesbereidingen of andere produkten van dierlijke oorsprong op Nederlands grondgebied te brengen, anders dan als doorvoer naar een derde land, indien niet is voldaan aan het hierna in dit besluit bepaalde.
2. De in het eerste lid bedoelde vleesprodukten voldoen aan de volgende eisen:
a. zij zijn geschikt voor menselijk consumptie,
b. zij zijn bereid uit: 1°. vlees als genoemd in artikel 1, onderdeel d, sub 1, dat voldoet aan richtlijn no. 64/433/EEG, dan wel aan richtlijn no. 72/462/EEG, of uit vlees van gekweekt wild dat voldoet aan richtlijn no. 91/495/EEG, of uit vlees van vrij wild dat voldoet aan richtlijn no. 92/45/EEG,
2°. een vleesprodukt dat voldoet aan de bij of krachtens dit besluit gestelde eisen, of
3°. een vleesbereiding die voldoet aan de bij of krachtens dit besluit gestelde eisen,
1°. vlees als genoemd in artikel 1, onderdeel d, sub 1, dat voldoet aan richtlijn no. 64/433/EEG, dan wel aan richtlijn no. 72/462/EEG, of uit vlees van gekweekt wild dat voldoet aan richtlijn no. 91/495/EEG, of uit vlees van vrij wild dat voldoet aan richtlijn no. 92/45/EEG,
2°. een vleesprodukt dat voldoet aan de bij of krachtens dit besluit gestelde eisen, of
3°. een vleesbereiding die voldoet aan de bij of krachtens dit besluit gestelde eisen,
c. zij zijn niet bereid uit door Onze Minister aan te wijzen delen vlees,
d. zij zijn bereid met inachtneming van door Onze Minister vast te stellen voorschriften voor grondstoffen die gebruikt worden bij de vervaardiging van vleesprodukten,
e. zij zijn bereid, indien het betreft gepasteuriseerde of gesteriliseerde vleesprodukten in hermetisch gesloten recipiënten of kant- en klaargerechten, met inachtneming van door Onze Minister vast te stellen bijzondere voorwaarden,
f. zij zijn bereid door middel van verhitten, doorzouten, marineren of drogen, welke procédédes kunnen worden gecombineerd met roken of rijpen, in voorkomend geval onder bijzondere microklimatologische omstandigheden, waarbij bij combinaties, in het bijzonder met bepaalde toevoegingsmiddelen voor het doorzouten, wordt voldaan aan nader door Onze Minister vast te stellen eisen. De vleesprodukten mogen ook met andere levensmiddelen en kruiderijen worden gecombineerd,
g. zij zijn op voldoende wijze verpakt en geëtiketteerd,
h. zij zijn op voldoende hygiënische wijze gehanteerd, opgeslagen en vervoerd,
i. zij zijn gedurende het vervoer vergezeld van een handelsdocument,
j. zij zijn voorzien van een officieel goedkeuringsmerk,
k. zij zijn onderworpen geweest aan een door het bedrijf van produktie zelf uitgevoerde controle en aan een controle door de bevoegde autoriteit in de lid-staat van produktie,
l. zij zijn niet onderworpen geweest aan ioniserende straling, tenzij zulks om medische redenen verantwoord is en duidelijk op het produkt en op het handelsdocument, bedoeld in onderdeel i, staat vermeld dat het produkt werd bestraald,
m. zij zijn bereid, behandeld en opgeslagen in een door de bevoegde autoriteit van de betrokken lid-staat, volgens richtlijn no. 77/99/EEG erkend en gecontroleerd bedrijf.
3. De in het eerste lid bedoelde andere produkten van dierlijke oorsprong voldoen aan de volgende eisen:
a. zij zijn geschikt voor menselijke consumptie,
b. zij zijn vervaardigd met inachtneming van door Onze Minister vast te stellen gezondheidsvoorschriften en zijn onderworpen geweest aan controles,
c. zij zijn bereid, behandeld en opgeslagen in bedrijven die onder toezicht staan van de bevoegde autoriteit van de betrokken lid-staat en door deze autoriteit volgens richtlijn no. 92/118/EEG zijn erkend of als zodanig geregistreerd, en
d. zij zijn gedurende het vervoer vergezeld van een handelsdocument.
4. De in het eerste lid bedoelde vleesbereidingen dienen te voldoen aan de volgende eisen:
a. zij moeten geschikt zijn voor menselijke consumptie,
b. zij zijn bereid met of van vlees, dat voldoet aan artikel 3 van richtlijn no. 64/433/EEG, of aan artikel 3 van richtlijn no. 92/45/EEG, dan wel aan artikel 6 van richtlijn no. 91/495/EEG, of indien het is ingevoerd uit een derde land aan richtlijn no. 72/462/EEG, of aan hoofdstuk III van richtlijn no. 92/45/EEG, of aan artikel 6 van richtlijn no. 91/495/EEG, dan wel aan de in hoofdstuk II van bijlage I bij richtlijn no.92/118/EEG voor vlees van gekweekt wild en vlees van vrij wild opgenomen bepalingen en is overeenkomstig richtlijn no. 90/675/EEG gecontroleerd,
c. zij zijn, indien zij zijn bereid met of van varkensvlees, overeenkomstig richtlijn no. 77/96/EEG onderzocht op trichinen of hebben een koudebehandeling ondergaan als bedoeld in bijlage IV van die richtlijn,
d. zij zijn, indien bij de bereiding gebruik is gemaakt van diepgevroren vlees, binnen een door Onze Minister vastgestelde termijn bereid,
e. zij moeten zijn bereid in een werkplaats die is erkend door de bevoegde centrale autoriteit van de Lid-Staat van bereiding,
f. zij moeten zijn onderworpen geweest aan een controle door de bevoegde autoriteiten van de Lid-Staat van bereiding,
g. zij zijn voorzien van een onmiddellijke verpakking en een eindverpakking en in een door Onze Minister vastgestelde vorm gebracht,
h. zij zijn niet bereid met of van vlees van eenhoevige dieren,
i. zij moeten op voldoende hygiënische wijze zijn bereid, verpakt, opgeslagen en vervoerd,
j. zij mogen niet zijn behandeld met ioniserende of ultraviolette stralen,
k. zij moeten zijn voorzien van een officieel goedkeuringsmerk en op voldoende wijze zijn geëtiketteerd,
l. zij zijn vergezeld van een gezondheidscertificaat of ander document,
m. zij voldoen, indien zij zijn bereid met of van gehakt vlees, in afwijking van onderdelen a tot en met l, aan of krachtens artikel 6, tweede lid, onderdeel f, zesde en zevende lid, van het Besluit inzake vlees uit andere lid-staten.
5. Onze Minister kan met betrekking tot het tweede lid, onderdeel ctot en met k, derde lid, onderdeel ben den vierde lid, onderdeel d, f, g, i, ken l, nadere regelen stellen.
6. Een wijziging van een of meer onderdelen van richtlijnen waarnaar in dit artikel wordt verwezen, treedt voor de toepassing van de leden van dit artikel waarin naar die onderdelen van deze richtlijn wordt verwezen, in werking met ingang van de dag waarop aan de betrokken wijzigingsrichtlijn uitvoering moet zijn gegeven dan wel zoveel eerder in de betrokken lid-staat aan die wijziging uitvoering is gegeven.
2. De in het eerste lid bedoelde vleesprodukten voldoen aan de volgende eisen:
a. zij zijn geschikt voor menselijk consumptie,
b. zij zijn bereid uit: 1°. vlees als genoemd in artikel 1, onderdeel d, sub 1, dat voldoet aan richtlijn no. 64/433/EEG, dan wel aan richtlijn no. 72/462/EEG, of uit vlees van gekweekt wild dat voldoet aan richtlijn no. 91/495/EEG, of uit vlees van vrij wild dat voldoet aan richtlijn no. 92/45/EEG,
2°. een vleesprodukt dat voldoet aan de bij of krachtens dit besluit gestelde eisen, of
3°. een vleesbereiding die voldoet aan de bij of krachtens dit besluit gestelde eisen,
1°. vlees als genoemd in artikel 1, onderdeel d, sub 1, dat voldoet aan richtlijn no. 64/433/EEG, dan wel aan richtlijn no. 72/462/EEG, of uit vlees van gekweekt wild dat voldoet aan richtlijn no. 91/495/EEG, of uit vlees van vrij wild dat voldoet aan richtlijn no. 92/45/EEG,
2°. een vleesprodukt dat voldoet aan de bij of krachtens dit besluit gestelde eisen, of
3°. een vleesbereiding die voldoet aan de bij of krachtens dit besluit gestelde eisen,
c. zij zijn niet bereid uit door Onze Minister aan te wijzen delen vlees,
d. zij zijn bereid met inachtneming van door Onze Minister vast te stellen voorschriften voor grondstoffen die gebruikt worden bij de vervaardiging van vleesprodukten,
e. zij zijn bereid, indien het betreft gepasteuriseerde of gesteriliseerde vleesprodukten in hermetisch gesloten recipiënten of kant- en klaargerechten, met inachtneming van door Onze Minister vast te stellen bijzondere voorwaarden,
f. zij zijn bereid door middel van verhitten, doorzouten, marineren of drogen, welke procédédes kunnen worden gecombineerd met roken of rijpen, in voorkomend geval onder bijzondere microklimatologische omstandigheden, waarbij bij combinaties, in het bijzonder met bepaalde toevoegingsmiddelen voor het doorzouten, wordt voldaan aan nader door Onze Minister vast te stellen eisen. De vleesprodukten mogen ook met andere levensmiddelen en kruiderijen worden gecombineerd,
g. zij zijn op voldoende wijze verpakt en geëtiketteerd,
h. zij zijn op voldoende hygiënische wijze gehanteerd, opgeslagen en vervoerd,
i. zij zijn gedurende het vervoer vergezeld van een handelsdocument,
j. zij zijn voorzien van een officieel goedkeuringsmerk,
k. zij zijn onderworpen geweest aan een door het bedrijf van produktie zelf uitgevoerde controle en aan een controle door de bevoegde autoriteit in de lid-staat van produktie,
l. zij zijn niet onderworpen geweest aan ioniserende straling, tenzij zulks om medische redenen verantwoord is en duidelijk op het produkt en op het handelsdocument, bedoeld in onderdeel i, staat vermeld dat het produkt werd bestraald,
m. zij zijn bereid, behandeld en opgeslagen in een door de bevoegde autoriteit van de betrokken lid-staat, volgens richtlijn no. 77/99/EEG erkend en gecontroleerd bedrijf.
3. De in het eerste lid bedoelde andere produkten van dierlijke oorsprong voldoen aan de volgende eisen:
a. zij zijn geschikt voor menselijke consumptie,
b. zij zijn vervaardigd met inachtneming van door Onze Minister vast te stellen gezondheidsvoorschriften en zijn onderworpen geweest aan controles,
c. zij zijn bereid, behandeld en opgeslagen in bedrijven die onder toezicht staan van de bevoegde autoriteit van de betrokken lid-staat en door deze autoriteit volgens richtlijn no. 92/118/EEG zijn erkend of als zodanig geregistreerd, en
d. zij zijn gedurende het vervoer vergezeld van een handelsdocument.
4. De in het eerste lid bedoelde vleesbereidingen dienen te voldoen aan de volgende eisen:
a. zij moeten geschikt zijn voor menselijke consumptie,
b. zij zijn bereid met of van vlees, dat voldoet aan artikel 3 van richtlijn no. 64/433/EEG, of aan artikel 3 van richtlijn no. 92/45/EEG, dan wel aan artikel 6 van richtlijn no. 91/495/EEG, of indien het is ingevoerd uit een derde land aan richtlijn no. 72/462/EEG, of aan hoofdstuk III van richtlijn no. 92/45/EEG, of aan artikel 6 van richtlijn no. 91/495/EEG, dan wel aan de in hoofdstuk II van bijlage I bij richtlijn no.92/118/EEG voor vlees van gekweekt wild en vlees van vrij wild opgenomen bepalingen en is overeenkomstig richtlijn no. 90/675/EEG gecontroleerd,
c. zij zijn, indien zij zijn bereid met of van varkensvlees, overeenkomstig richtlijn no. 77/96/EEG onderzocht op trichinen of hebben een koudebehandeling ondergaan als bedoeld in bijlage IV van die richtlijn,
d. zij zijn, indien bij de bereiding gebruik is gemaakt van diepgevroren vlees, binnen een door Onze Minister vastgestelde termijn bereid,
e. zij moeten zijn bereid in een werkplaats die is erkend door de bevoegde centrale autoriteit van de Lid-Staat van bereiding,
f. zij moeten zijn onderworpen geweest aan een controle door de bevoegde autoriteiten van de Lid-Staat van bereiding,
g. zij zijn voorzien van een onmiddellijke verpakking en een eindverpakking en in een door Onze Minister vastgestelde vorm gebracht,
h. zij zijn niet bereid met of van vlees van eenhoevige dieren,
i. zij moeten op voldoende hygiënische wijze zijn bereid, verpakt, opgeslagen en vervoerd,
j. zij mogen niet zijn behandeld met ioniserende of ultraviolette stralen,
k. zij moeten zijn voorzien van een officieel goedkeuringsmerk en op voldoende wijze zijn geëtiketteerd,
l. zij zijn vergezeld van een gezondheidscertificaat of ander document,
m. zij voldoen, indien zij zijn bereid met of van gehakt vlees, in afwijking van onderdelen a tot en met l, aan of krachtens artikel 6, tweede lid, onderdeel f, zesde en zevende lid, van het Besluit inzake vlees uit andere lid-staten.
5. Onze Minister kan met betrekking tot het tweede lid, onderdeel ctot en met k, derde lid, onderdeel ben den vierde lid, onderdeel d, f, g, i, ken l, nadere regelen stellen.
6. Een wijziging van een of meer onderdelen van richtlijnen waarnaar in dit artikel wordt verwezen, treedt voor de toepassing van de leden van dit artikel waarin naar die onderdelen van deze richtlijn wordt verwezen, in werking met ingang van de dag waarop aan de betrokken wijzigingsrichtlijn uitvoering moet zijn gegeven dan wel zoveel eerder in de betrokken lid-staat aan die wijziging uitvoering is gegeven.