BWBR0003764
Geldig vanaf 2004-04-13
Artikel 24
Brandweerwet 1985
1. Met de opsporing van de bij artikel 23strafbaar gestelde feiten zijn, onverminderd <a href="/wet/BWBR0001903/artikel/141" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering</a>, belast de ambtenaren, aangewezen bij besluit van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
2. Onverminderd de eisen, gesteld krachtens de algemene maatregel van bestuur, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0001903/artikel/142" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 142, vierde lid, van het Wetboek van Strafvordering</a>, kan slechts als opsporingsambtenaar worden aangewezen degene die voldoet aan de door Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties te stellen regels over de eisen van bekwaamheid.
3. De opsporingsambtenaren zijn bevoegd tot inbeslagneming van daarvoor vatbare voorwerpen. Zij kunnen daartoe hun uitlevering vorderen.
2. Onverminderd de eisen, gesteld krachtens de algemene maatregel van bestuur, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0001903/artikel/142" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 142, vierde lid, van het Wetboek van Strafvordering</a>, kan slechts als opsporingsambtenaar worden aangewezen degene die voldoet aan de door Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties te stellen regels over de eisen van bekwaamheid.
3. De opsporingsambtenaren zijn bevoegd tot inbeslagneming van daarvoor vatbare voorwerpen. Zij kunnen daartoe hun uitlevering vorderen.