BWBR0003740
Geldig vanaf 2010-05-17
Artikel 47a
Wet gemeenschappelijke regelingen
1. Indien het openbaar lichaam de bedrijfsvoeringsorganisatie of het gemeenschappelijk orgaan een specifieke uitkering als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0008290/artikel/15a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 15a van de Financiële-verhoudingswet</a>, ontvangt van het Rijk of middelen ontvangt van de deelnemende provincies, die afkomstig zijn uit een specifieke uitkering, zijn de <a href="/wet/BWBR0008290/artikel/17a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 17a</a>en <a href="/wet/BWBR0008290/artikel/17b" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">17b van de Financiële-verhoudingswet</a>op de informatie ten behoeve van de verantwoording over deze middelen, van overeenkomstige toepassing op het openbaar lichaam de bedrijfsvoeringsorganisatie of het gemeenschappelijk orgaan, met dien verstande dat:
a. voor gedeputeerde staten en het college van burgemeester en wethouders wordt gelezen: het dagelijks bestuur van het openbaar lichaam of het bestuur de bedrijfsvoeringsorganisatie of het gemeenschappelijk orgaan;
b. de in artikel 17b, derde lid, van de Financiële-verhoudingswet bedoelde opschorting betrekking heeft op de betalingen op grond van artikel 15, eerste lid, Financiële-verhoudingswet aan de provincies die aan de regeling deelnemen.
2. De ingevolge <a href="/wet/BWBR0005645/artikel/190" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 190, tweede lid, aanhef en onder b, en derde lid, van de Provinciewet</a>gestelde regels, alsmede het vierde tot en met het achtste lid van dat artikel, zijn van overeenkomstige toepassing op het openbaar lichaam de bedrijfsvoeringsorganisatie of het gemeenschappelijk orgaan, met dien verstande dat:
a. voor gedeputeerde staten wordt gelezen: het dagelijks bestuur van het openbaar lichaam of het bestuur de bedrijfsvoeringsorganisatie of het gemeenschappelijk orgaan;
b. de in artikel 190, achtste lid, van de Provinciewet bedoelde opschorting betrekking heeft op de betalingen op grond van artikel 15, eerste lid, Financiële-verhoudingswet aan de provincies die aan de regeling deelnemen.
a. voor gedeputeerde staten en het college van burgemeester en wethouders wordt gelezen: het dagelijks bestuur van het openbaar lichaam of het bestuur de bedrijfsvoeringsorganisatie of het gemeenschappelijk orgaan;
b. de in artikel 17b, derde lid, van de Financiële-verhoudingswet bedoelde opschorting betrekking heeft op de betalingen op grond van artikel 15, eerste lid, Financiële-verhoudingswet aan de provincies die aan de regeling deelnemen.
2. De ingevolge <a href="/wet/BWBR0005645/artikel/190" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 190, tweede lid, aanhef en onder b, en derde lid, van de Provinciewet</a>gestelde regels, alsmede het vierde tot en met het achtste lid van dat artikel, zijn van overeenkomstige toepassing op het openbaar lichaam de bedrijfsvoeringsorganisatie of het gemeenschappelijk orgaan, met dien verstande dat:
a. voor gedeputeerde staten wordt gelezen: het dagelijks bestuur van het openbaar lichaam of het bestuur de bedrijfsvoeringsorganisatie of het gemeenschappelijk orgaan;
b. de in artikel 190, achtste lid, van de Provinciewet bedoelde opschorting betrekking heeft op de betalingen op grond van artikel 15, eerste lid, Financiële-verhoudingswet aan de provincies die aan de regeling deelnemen.