BWBR0003710
Geldig vanaf 1984-10-13
Artikel J-3
Besluit medezeggenschap onderwijs
1. Een daartoe door de schoolleiding uit haar midden aangewezen lid heeft, met adviserende stem, mede zitting in de raad, indien het niet tot lid daarvan is gekozen.
2. Een lid van de schoolleiding, door het bevoegd gezag aangewezen om namens dat gezag de besprekingen met de raad te voeren, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de wet, kan niet tevens lid zijn van de raad, indien het medezeggenschapsreglement bepaalt dat het tot zijn taak behoort om deze besprekingen te voeren.
2. Een lid van de schoolleiding, door het bevoegd gezag aangewezen om namens dat gezag de besprekingen met de raad te voeren, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de wet, kan niet tevens lid zijn van de raad, indien het medezeggenschapsreglement bepaalt dat het tot zijn taak behoort om deze besprekingen te voeren.