BWBR0003668
Geldig vanaf 1984-03-31
Artikel 10
Bijdrageregeling vervanging en vernietiging van PCB bevattende koelvloeistof en PCB bevattende transformatoren en condensatoren
1. De toekenning van een bijdrage geschiedt onder de voorwaarde dat:
a. de aanvrager veertien dagen voordat met de uitvoering van het project een aanvang wordt gemaakt de Minister daarvan in kennis stelt;
b. het project of delen daarvan binnen een door de Minister te stellen termijn wordt uitgevoerd tenzij de Minister op schriftelijk verzoek van de aanvrager deze termijn heeft verlengd; deze termijn eindigt in ieder geval uiterlijk op 1 januari 1989;
c. de aanvrager medewerking zal verlenen aan een door of namens de Minister ter zake van de toepassing van deze regeling uit te voeren evaluatie-onderzoek;
d. de aanvrager ten behoeve van het toezicht op de uitvoering van het project, mede met het oog op de besteding van de toegekende bijdrage, te allen tijde aan de door de Minister aangewezen personen: 1e inzage verleent in alle boeken en bescheiden waarvan dat redelijkerwijs noodzakelijk is. Desgewenst wordt een afschrift verstrekt;
2e toegang verleent tot alle plaatsen waarvan het betreden redelijkerwijs noodzakelijk is;
3e alle noodzakelijke inlichtingen verstrekt of door zijn externe accountant doet verstrekken;
4e alle overige medewerking verleent.
1e inzage verleent in alle boeken en bescheiden waarvan dat redelijkerwijs noodzakelijk is. Desgewenst wordt een afschrift verstrekt;
2e toegang verleent tot alle plaatsen waarvan het betreden redelijkerwijs noodzakelijk is;
3e alle noodzakelijke inlichtingen verstrekt of door zijn externe accountant doet verstrekken;
4e alle overige medewerking verleent.
2. Indien dit voor de goede uitvoering van een project is vereist, kan de Minister de bijdrage onder nadere voorwaarden toekennen.
a. de aanvrager veertien dagen voordat met de uitvoering van het project een aanvang wordt gemaakt de Minister daarvan in kennis stelt;
b. het project of delen daarvan binnen een door de Minister te stellen termijn wordt uitgevoerd tenzij de Minister op schriftelijk verzoek van de aanvrager deze termijn heeft verlengd; deze termijn eindigt in ieder geval uiterlijk op 1 januari 1989;
c. de aanvrager medewerking zal verlenen aan een door of namens de Minister ter zake van de toepassing van deze regeling uit te voeren evaluatie-onderzoek;
d. de aanvrager ten behoeve van het toezicht op de uitvoering van het project, mede met het oog op de besteding van de toegekende bijdrage, te allen tijde aan de door de Minister aangewezen personen: 1e inzage verleent in alle boeken en bescheiden waarvan dat redelijkerwijs noodzakelijk is. Desgewenst wordt een afschrift verstrekt;
2e toegang verleent tot alle plaatsen waarvan het betreden redelijkerwijs noodzakelijk is;
3e alle noodzakelijke inlichtingen verstrekt of door zijn externe accountant doet verstrekken;
4e alle overige medewerking verleent.
1e inzage verleent in alle boeken en bescheiden waarvan dat redelijkerwijs noodzakelijk is. Desgewenst wordt een afschrift verstrekt;
2e toegang verleent tot alle plaatsen waarvan het betreden redelijkerwijs noodzakelijk is;
3e alle noodzakelijke inlichtingen verstrekt of door zijn externe accountant doet verstrekken;
4e alle overige medewerking verleent.
2. Indien dit voor de goede uitvoering van een project is vereist, kan de Minister de bijdrage onder nadere voorwaarden toekennen.