BWBR0003649
Geldig vanaf 1984-01-01
Artikel 3
Overgangsbeschikking omzetbelasting 1983
1. Ingeval een ondernemer ingevolge een vóór 1 januari 1984 gesloten overeenkomst na 31 december 1983 een onroerend goed levert of een werk in onroerende staat oplevert tegen een vergoeding welke vervalt in termijnen naar mate het werk vordert, blijft ten aanzien van het gedeelte van de vergoeding dat gelijk is aan de som van de termijnen die op grond van die overeenkomst vóór 1 januari 1984 zijn vervallen, de verhoging van de omzetbelasting van 18 tot 19% buiten toepassing.
2. Ingeval een ondernemer na 31 december 1983 in de zin van artikel 3, eerste lid, letter h, van de Wet op de omzetbelasting 1968(Stb. 329) een onroerend goed levert dat ingevolge een vóór 1 januari 1984 gesloten overeenkomst in opdracht onder terbeschikkingstelling van stoffen, waaronder grond is begrepen, is vervaardigd, blijft de verhoging van de omzetbelasting van 18 tot 19% buiten toepassing ten aanzien van het gedeelte van de vergoeding dat gelijk is aan de som van de termijnen die op grond van die overeenkomst vóór 1 januari 1984 zijn vervallen naar mate het werk is gevorderd en de in de vergoeding begrepen kosten van de vóór 1 januari 1984 ter beschikking gestelde stoffen.
2. Ingeval een ondernemer na 31 december 1983 in de zin van artikel 3, eerste lid, letter h, van de Wet op de omzetbelasting 1968(Stb. 329) een onroerend goed levert dat ingevolge een vóór 1 januari 1984 gesloten overeenkomst in opdracht onder terbeschikkingstelling van stoffen, waaronder grond is begrepen, is vervaardigd, blijft de verhoging van de omzetbelasting van 18 tot 19% buiten toepassing ten aanzien van het gedeelte van de vergoeding dat gelijk is aan de som van de termijnen die op grond van die overeenkomst vóór 1 januari 1984 zijn vervallen naar mate het werk is gevorderd en de in de vergoeding begrepen kosten van de vóór 1 januari 1984 ter beschikking gestelde stoffen.