BWBR0003512
Geldig vanaf 1982-09-15
Artikel 3
Besluit opgave bijdragende olie
1. Ter voldoening aan de verplichting, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de wet, dient opgave te worden gedaan van:
a. de hoeveelheden bijdragende olie, ontvangen op de wijze, bedoeld in artikel 10, eerste lid, onder a, van het Verdrag, onderverdeeld naar herkomst vanuit andere staten enerzijds en andere herkomst anderzijds;
b. de hoeveelheden bijdragende olie, ontvangen op de wijze, bedoeld in artikel 10, eerste lid, onder b, van het Verdrag, alsmede de onderscheiden staten van herkomst van die hoeveelheden en de onderscheiden wijzen van vervoer naar Nederland;
c. de naam en het adres van de ontvanger en van de met hem geassocieerde personen, alsmede de naam, het adres en de functie van degene, die het in het derde lid bedoelde formulier ondertekent.
2. De hoeveelheden, bedoeld in het eerste lid, onder aen b, dienen te worden uitgedrukt in tonnen, op de in Nederland gebruikelijke wijze afgerond tot hele tonnen.
3. De opgave geschiedt met gebruikmaking van een formulier overeenkomstig het door Onze Minister vastgestelde model, in te vullen op de in dat formulier en in de toelichting daarop aangegeven wijze.
4. Onze Minister stelt exemplaren van het formulier kosteloos verkrijgbaar.
5. De beschikking, houdende vaststelling van het model van het formulier en de toelichting daarop, wordt bekendgemaakt in de Staatscourant.
a. de hoeveelheden bijdragende olie, ontvangen op de wijze, bedoeld in artikel 10, eerste lid, onder a, van het Verdrag, onderverdeeld naar herkomst vanuit andere staten enerzijds en andere herkomst anderzijds;
b. de hoeveelheden bijdragende olie, ontvangen op de wijze, bedoeld in artikel 10, eerste lid, onder b, van het Verdrag, alsmede de onderscheiden staten van herkomst van die hoeveelheden en de onderscheiden wijzen van vervoer naar Nederland;
c. de naam en het adres van de ontvanger en van de met hem geassocieerde personen, alsmede de naam, het adres en de functie van degene, die het in het derde lid bedoelde formulier ondertekent.
2. De hoeveelheden, bedoeld in het eerste lid, onder aen b, dienen te worden uitgedrukt in tonnen, op de in Nederland gebruikelijke wijze afgerond tot hele tonnen.
3. De opgave geschiedt met gebruikmaking van een formulier overeenkomstig het door Onze Minister vastgestelde model, in te vullen op de in dat formulier en in de toelichting daarop aangegeven wijze.
4. Onze Minister stelt exemplaren van het formulier kosteloos verkrijgbaar.
5. De beschikking, houdende vaststelling van het model van het formulier en de toelichting daarop, wordt bekendgemaakt in de Staatscourant.