BWBR0003480
Geldig vanaf 1982-02-09
Artikel 7
Besluit bescherming persoonlijke levenssfeer psychisch gestoorde patiënten en zwakzinnigen
1. De houder is gerechtigd in de registratie opgenomen gebundelde gegevens die niet tot de patiënt herleidbaar zijn, voor beleidsdoeleinden en voor wetenschappelijk onderzoek aan ambtenaren ter beschikking te stellen, op een met redenen omkleed schriftelijk verzoek.
2. De houder is eveneens gerechtigd de in het eerste lid bedoelde gegevens aan derden te verschaffen voor wetenschappelijk en beleidsrelevant onderzoek, op een met reden omkleed schriftelijk verzoek.
3. De houder is gerechtigd tot verstrekking van gegevens uit de registratie anders dan bedoeld in het eerste en tweede lid van dit artikel over te gaan, na daartoe verkregen voorafgaande machtiging van de Minister. Deze machtiging kan beperkingen ten aanzien van die te verstrekken gegevens inhouden.
4. De houder verstrekt de in de voorgaande leden bedoelde gegevens niet dan na ontvangst van een verklaring, ondertekend door verzoeker, dat deze gegevens niet zonder voorafgaande goedkeuring aan anderen ter beschikking of ter inzage worden gegeven.
5. Zodra de ingevolge de voorafgaande leden verstrekte gegevens niet langer voor het opgegeven doel vereist zijn, worden zij terstond vernietigd. Van de vernietiging moet zo spoedig mogelijk schriftelijk kennis worden gegeven aan de houder.
6. De besluiten van de houder ingevolge het tweede en derde lid worden eerst uitgevoerd nadat hieromtrent overeenstemming is bereikt in de in het Reglement van de Sectie genoemde Structuur- en Beheerscommissie Patiëntenregistratie Intramurale Geestelijke Gezondheidszorg.
2. De houder is eveneens gerechtigd de in het eerste lid bedoelde gegevens aan derden te verschaffen voor wetenschappelijk en beleidsrelevant onderzoek, op een met reden omkleed schriftelijk verzoek.
3. De houder is gerechtigd tot verstrekking van gegevens uit de registratie anders dan bedoeld in het eerste en tweede lid van dit artikel over te gaan, na daartoe verkregen voorafgaande machtiging van de Minister. Deze machtiging kan beperkingen ten aanzien van die te verstrekken gegevens inhouden.
4. De houder verstrekt de in de voorgaande leden bedoelde gegevens niet dan na ontvangst van een verklaring, ondertekend door verzoeker, dat deze gegevens niet zonder voorafgaande goedkeuring aan anderen ter beschikking of ter inzage worden gegeven.
5. Zodra de ingevolge de voorafgaande leden verstrekte gegevens niet langer voor het opgegeven doel vereist zijn, worden zij terstond vernietigd. Van de vernietiging moet zo spoedig mogelijk schriftelijk kennis worden gegeven aan de houder.
6. De besluiten van de houder ingevolge het tweede en derde lid worden eerst uitgevoerd nadat hieromtrent overeenstemming is bereikt in de in het Reglement van de Sectie genoemde Structuur- en Beheerscommissie Patiëntenregistratie Intramurale Geestelijke Gezondheidszorg.