BWBR0003418
Geldig vanaf 1981-07-25
Artikel 13
Bijdragenbesluit Kernenergiewet 1981
1. Indien een vergunning wordt verleend voor het oprichten of in werking brengen van een inrichting als bedoeld in artikel 15, onder b, van de wet, dan wel voor het in een vaartuig aanbrengen, aangebracht houden of wijzigen van een uitrusting als bedoeld in artikel 15, onder c, van de wet en ten aanzien van die inrichting of uitrusting in hetzelfde vaartuig reeds een vergunning als hiervoor bedoeld gold ten behoeve van een ander, in wiens plaats de aanvrager treedt, is geen bijdrage als in dit besluit bedoeld verschuldigd.
2. Indien een vergunning wordt verleend voor een handeling, waarvoor ingevolge artikel 15, onder a, 29 of 34van de wet een vergunning is vereist, en voor een gelijke handeling reeds een overeenkomstige vergunning gold ten behoeve van een ander, in wiens plaats de aanvrager treedt, is geen bijdrage als in dit besluit bedoeld verschuldigd.
2. Indien een vergunning wordt verleend voor een handeling, waarvoor ingevolge artikel 15, onder a, 29 of 34van de wet een vergunning is vereist, en voor een gelijke handeling reeds een overeenkomstige vergunning gold ten behoeve van een ander, in wiens plaats de aanvrager treedt, is geen bijdrage als in dit besluit bedoeld verschuldigd.