BWBR0003408
Geldig vanaf 1981-06-15
Artikel 5
Besluit financiële toevoegingsgrenzen
1. De draagkracht in het inkomen wordt op maandbasis vastgesteld.
2. Bij de vaststelling van het inkomen wordt:
a. Ten aanzien van de periodiek genoten inkomsten uitgegaan van de hoogte van deze inkomsten over een of meer van de gebruikelijke betalingsperioden, voorafgaand aan het tijdstip waarop het verzoek om rechtsbijstand werd gedaan;
b. ten aanzien van de niet-periodiek genoten inkomsten uitgegaan van de hoogte van deze inkomsten over het jaar voorafgaand aan het tijdstip waarop het verzoek om rechtsbijstand werd gedaan. De onder a en b bedoelde inkomsten worden herleid tot een maandinkomen.
3. Indien zich onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip waarop het verzoek om rechtsbijstand werd gedaan, aanmerkelijke wijzigingen in de hoogte van de inkomsten, bedoeld in het vorige lid, onder aen b, hebben voorgedaan, wordt daarmee bij de vaststelling van het inkomen rekening gehouden.
2. Bij de vaststelling van het inkomen wordt:
a. Ten aanzien van de periodiek genoten inkomsten uitgegaan van de hoogte van deze inkomsten over een of meer van de gebruikelijke betalingsperioden, voorafgaand aan het tijdstip waarop het verzoek om rechtsbijstand werd gedaan;
b. ten aanzien van de niet-periodiek genoten inkomsten uitgegaan van de hoogte van deze inkomsten over het jaar voorafgaand aan het tijdstip waarop het verzoek om rechtsbijstand werd gedaan. De onder a en b bedoelde inkomsten worden herleid tot een maandinkomen.
3. Indien zich onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip waarop het verzoek om rechtsbijstand werd gedaan, aanmerkelijke wijzigingen in de hoogte van de inkomsten, bedoeld in het vorige lid, onder aen b, hebben voorgedaan, wordt daarmee bij de vaststelling van het inkomen rekening gehouden.