BWBR0003406
Geldig vanaf 01-07-1995
Artikel 15
Grondwaterwet
1. Het in artikel 14, eerste lid, omschreven verbod geldt niet ten aanzien van het onttrekken van grondwater in de door provinciale staten bij verordening aangewezen gevallen. De aanwijzing kan geen betrekking hebben op gevallen waarin de te onttrekken hoeveelheid grondwater meer dan 10 m3 per uur bedraagt, tenzij het onttrekkingen door middel van inrichtingen voor noodvoorzieningen betreft.
2. Artikel 11, vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.
3. Het in artikel 14, eerste lid, omschreven verbod, geldt niet voor het infiltreren van water dat geschiedt ter voldoening aan een voorschrift, verbonden aan een vergunning tot het onttrekken van grondwater.
4. Artikel 14a is van overeenkomstige toepassing op de verlening van een vergunning voor het onttrekken van grondwater, waaraan een voorschrift tot het infiltreren van water wordt verbonden, als bedoeld in het derde lid.
2. Artikel 11, vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.
3. Het in artikel 14, eerste lid, omschreven verbod, geldt niet voor het infiltreren van water dat geschiedt ter voldoening aan een voorschrift, verbonden aan een vergunning tot het onttrekken van grondwater.
4. Artikel 14a is van overeenkomstige toepassing op de verlening van een vergunning voor het onttrekken van grondwater, waaraan een voorschrift tot het infiltreren van water wordt verbonden, als bedoeld in het derde lid.
- Wet
- Grondwaterwet
- Citeren als
- Art. 15
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0003406
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl