BWBR0003191
Geldig vanaf 1978-08-19
Artikel 3
Besluit handelsstatistiek 1978
1. Onverminderd hetgeen volgens wettelijke voorschriften is vereist met betrekking tot aangiften welke moeten worden gedaan volgens de wettelijke bepalingen, bedoeld in artikel 2, tweede lid, onderdeel a, van de Douanewet, andere dan die bedoeld in artikel 2, eerste lid, worden in die aangiften vermeld:
a. de soort van de goederen, zodanig omschreven dat rangschikking voor de statistiek van de doorvoer volgens de door het Centraal Bureau voor de Statistiek daarvoor vast te stellen naamlijst mogelijk is;
b. de hoeveelheid van de goederen, zowel naar het brutogewicht volgens het metrieke stelsel als naar de volgens bedoelde naamlijst vereiste maatstaf;
c. de door Onze Minister te bepalen gegevens omtrent het vervoer en de gebezigde vervoermiddelen;
d. de door Onze Minister vast te stellen aanduiding ingeval de goederen in of uit een douane-entrepot worden in- of uitgeslagen;
e. het land van herkomst en het land van bestemming.
2. Onder land van herkomst wordt verstaan het land vanwaar de goederen naar Nederland zijn verzonden. Indien de goederen evenwel voor de binnenkomst in Nederland het voorwerp hebben uitgemaakt van een oponthoud of een rechtshandeling die geen verband houdt met het vervoer, geldt als land van herkomst het laatste land waar dit oponthoud of deze rechtshandeling heeft plaatsgevonden.
3. Indien het land van herkomst moet worden vermeld in een aangifte die mede een functie vervult buiten Nederland, behoeft het land van herkomst slechts te worden vermeld in het exemplaar van de aangifte dat bestemd is voor het Centraal Bureau voor de Statistiek.
4. Onder land van bestemming wordt verstaan het land dat op het ogenblik waarop de aangifte wordt gedaan, bekend is als het land waarheen de goederen uiteindelijk dienen te worden verstuurd.
5. Onze Minister kan bepalen dat in door hem aan te wijzen aangiften de vermelding van bepaalde, ingevolge het eerste lid vereiste, gegevens achterwege kan blijven.
a. de soort van de goederen, zodanig omschreven dat rangschikking voor de statistiek van de doorvoer volgens de door het Centraal Bureau voor de Statistiek daarvoor vast te stellen naamlijst mogelijk is;
b. de hoeveelheid van de goederen, zowel naar het brutogewicht volgens het metrieke stelsel als naar de volgens bedoelde naamlijst vereiste maatstaf;
c. de door Onze Minister te bepalen gegevens omtrent het vervoer en de gebezigde vervoermiddelen;
d. de door Onze Minister vast te stellen aanduiding ingeval de goederen in of uit een douane-entrepot worden in- of uitgeslagen;
e. het land van herkomst en het land van bestemming.
2. Onder land van herkomst wordt verstaan het land vanwaar de goederen naar Nederland zijn verzonden. Indien de goederen evenwel voor de binnenkomst in Nederland het voorwerp hebben uitgemaakt van een oponthoud of een rechtshandeling die geen verband houdt met het vervoer, geldt als land van herkomst het laatste land waar dit oponthoud of deze rechtshandeling heeft plaatsgevonden.
3. Indien het land van herkomst moet worden vermeld in een aangifte die mede een functie vervult buiten Nederland, behoeft het land van herkomst slechts te worden vermeld in het exemplaar van de aangifte dat bestemd is voor het Centraal Bureau voor de Statistiek.
4. Onder land van bestemming wordt verstaan het land dat op het ogenblik waarop de aangifte wordt gedaan, bekend is als het land waarheen de goederen uiteindelijk dienen te worden verstuurd.
5. Onze Minister kan bepalen dat in door hem aan te wijzen aangiften de vermelding van bepaalde, ingevolge het eerste lid vereiste, gegevens achterwege kan blijven.