BWBR0003125
Geldig vanaf 1977-09-02
Artikel 8
Instelling Begeleidingscommissie Interne Opleiding
1. De commissie bestaat uit ten hoogste 9 leden, onder wie de voorzitter. De secretaris is geen lid van de commissie.
2. De Minister benoemt de voorzitter van de commissie.
3. De Minister benoemt vier leden van de commissie op voordracht van de navolgende instanties:
a. namens het vormingswerk: de Landelijke Organisatie Vormingswerk Werkende Jongeren (LOVWJ) en de Landelijke Organisatie voor Christelijk Vormingswerk (LOCV), leder voor één lid;
b. namens het beroepsbegeleidend onderwijs: het Centraal Overleg Beroepsbegeleidend Onderwijs (COBO), voor één lid;
c. de staf van de Interne Opleiding, voor één lid.
4. De Minister beneemt de overige leden van de commissie met inachtneming van artikel 7, tweede lid.
5. De Minister benoemt de secretaris van de commissie op voordracht van de LOVWJ uit het team Interne Opleiding.
6. De Minister wijst twee ambtelijke waarnemers aan.
2. De Minister benoemt de voorzitter van de commissie.
3. De Minister benoemt vier leden van de commissie op voordracht van de navolgende instanties:
a. namens het vormingswerk: de Landelijke Organisatie Vormingswerk Werkende Jongeren (LOVWJ) en de Landelijke Organisatie voor Christelijk Vormingswerk (LOCV), leder voor één lid;
b. namens het beroepsbegeleidend onderwijs: het Centraal Overleg Beroepsbegeleidend Onderwijs (COBO), voor één lid;
c. de staf van de Interne Opleiding, voor één lid.
4. De Minister beneemt de overige leden van de commissie met inachtneming van artikel 7, tweede lid.
5. De Minister benoemt de secretaris van de commissie op voordracht van de LOVWJ uit het team Interne Opleiding.
6. De Minister wijst twee ambtelijke waarnemers aan.