BWBR0003007
Geldig vanaf 1975-12-01
Artikel 3
Beschikking aanwijzingen Besluit richtlijnen huuradviescommissies
1. Indien de huuradviescommissie van oordeel is dat de staat van onderhoud, waarin het goed verkeert slecht of onvoldoende is, zal zij in de verklaring, waarin haar oordeel omtrent de redelijkheid van het aanbod van de verhuurder aan de huurder is vervat, in ieder geval vermelden op welke der in artikel 1, onder 1, genoemde onderdelen haar oordeel berust.
2. Indien de huuradviescommissie van oordeel is dat het goed gebreken vertoont, welke in artikel 1, onder 2, zijn genoemd, zal zij in de verklaring, waarin haar oordeel omtrent de redelijkheid van het aanbod van de verhuurder aan de huurder is vervat, eveneens vermelden op welke onderdelen van artikel 1, onder 2, haar oordeel berust.
3. De huuradviescommissie zendt afschriften van de in de vorige leden bedoelde verklaring aan de verhuurder, de huurder, burgemeester en wethouders van de gemeenten, waarin het goed is gelegen, alsmede aan de Inspecteur van de Volkshuisvesting, bedoeld in artikel 79 van de Woningwet.
2. Indien de huuradviescommissie van oordeel is dat het goed gebreken vertoont, welke in artikel 1, onder 2, zijn genoemd, zal zij in de verklaring, waarin haar oordeel omtrent de redelijkheid van het aanbod van de verhuurder aan de huurder is vervat, eveneens vermelden op welke onderdelen van artikel 1, onder 2, haar oordeel berust.
3. De huuradviescommissie zendt afschriften van de in de vorige leden bedoelde verklaring aan de verhuurder, de huurder, burgemeester en wethouders van de gemeenten, waarin het goed is gelegen, alsmede aan de Inspecteur van de Volkshuisvesting, bedoeld in artikel 79 van de Woningwet.