BWBR0002743
Geldig vanaf 1971-03-03
Artikel 2
Organiek Besluit Rijkswaterstaat
De Rijkswaterstaat is, voor zover een en ander aan Onze Minister is opgedragen en volgens diens aanwijzingen, belast met:
a. de uitoefening van het oppertoezicht over de waterstaat;
b. in het algemeen de behandeling van alle waterstaatsaangelegenheden, waaronder de zorg voor: - de beveiliging van het land tegen het water;
- de waterhuishouding in kwantitatieve en kwalitatieve zin;
- scheepvaartwegen en havens;
- landwegen en oeververbindingen;
- een veilige en vlotte verkeersafwikkeling te water en op de weg;
- de beveiliging van het land tegen het water;
- de waterhuishouding in kwantitatieve en kwalitatieve zin;
- scheepvaartwegen en havens;
- landwegen en oeververbindingen;
- een veilige en vlotte verkeersafwikkeling te water en op de weg;
c. de aanleg, het beheer en het onderhoud van waterkeringen, van werken ten behoeve van de waterhuishouding, van scheepvaartwegen en havens, van landwegen en oeververbindingen, de uitvoering van werken ten behoeve van landaanwinning;
d. het verzamelen van gegevens voor de kennis van de waterstaatkundige toestand van het land, van het verkeer te water en van het wegverkeer;
e. het bevorderen en het doen van onderzoekingen en proefnemingen ten behoeve van waterstaatsaangelegenheden, met inbegrip van de verkeersveiligheid; het geven van adviezen ter zake;
f. het wetenschappelijke en praktische onderzoek van de hoedanigheid van de oppervlaktewateren en van de wijze waarop deze kunnen worden beschermd tegen verontreiniging; het geven van adviezen betreffende de met het oog op die bescherming te treffen voorzieningen;
g. het voorbereiden van de te stellen regelen verband houdende met de taken genoemd in de voorgaande punten;
h. het voorbereiden van concessies op het gebied van de waterstaat;
i. de zorg voor de uitvoering en naleving van de gestelde regelen verband houdende met de taken genoemd in de voorgaande punten; het in verband hiermede verlenen van vergunningen en ontheffingen; de zorg voor de naleving van voorwaarden verbonden aan die vergunningen en ontheffingen, alsmede aan concessies op het gebied van de waterstaat;
j. de zorg voor de nakoming van de verplichtingen op waterstaatsgebied die de Staat der Nederlanden tegenover derden heeft aangegaan.
a. de uitoefening van het oppertoezicht over de waterstaat;
b. in het algemeen de behandeling van alle waterstaatsaangelegenheden, waaronder de zorg voor: - de beveiliging van het land tegen het water;
- de waterhuishouding in kwantitatieve en kwalitatieve zin;
- scheepvaartwegen en havens;
- landwegen en oeververbindingen;
- een veilige en vlotte verkeersafwikkeling te water en op de weg;
- de beveiliging van het land tegen het water;
- de waterhuishouding in kwantitatieve en kwalitatieve zin;
- scheepvaartwegen en havens;
- landwegen en oeververbindingen;
- een veilige en vlotte verkeersafwikkeling te water en op de weg;
c. de aanleg, het beheer en het onderhoud van waterkeringen, van werken ten behoeve van de waterhuishouding, van scheepvaartwegen en havens, van landwegen en oeververbindingen, de uitvoering van werken ten behoeve van landaanwinning;
d. het verzamelen van gegevens voor de kennis van de waterstaatkundige toestand van het land, van het verkeer te water en van het wegverkeer;
e. het bevorderen en het doen van onderzoekingen en proefnemingen ten behoeve van waterstaatsaangelegenheden, met inbegrip van de verkeersveiligheid; het geven van adviezen ter zake;
f. het wetenschappelijke en praktische onderzoek van de hoedanigheid van de oppervlaktewateren en van de wijze waarop deze kunnen worden beschermd tegen verontreiniging; het geven van adviezen betreffende de met het oog op die bescherming te treffen voorzieningen;
g. het voorbereiden van de te stellen regelen verband houdende met de taken genoemd in de voorgaande punten;
h. het voorbereiden van concessies op het gebied van de waterstaat;
i. de zorg voor de uitvoering en naleving van de gestelde regelen verband houdende met de taken genoemd in de voorgaande punten; het in verband hiermede verlenen van vergunningen en ontheffingen; de zorg voor de naleving van voorwaarden verbonden aan die vergunningen en ontheffingen, alsmede aan concessies op het gebied van de waterstaat;
j. de zorg voor de nakoming van de verplichtingen op waterstaatsgebied die de Staat der Nederlanden tegenover derden heeft aangegaan.