Artikel 1
1. Behoudens het bepaalde in lid 3. heeft de verzekerde, die voor beroepswerkzaamheden in het buitenland verblijf houdt, voor aldaar gemaakte kosten van geneeskundige verzorging, welke niet kan worden uitgesteld tot de terugkomst in Nederland, recht op een vergoeding als is aangegeven in de bij dit besluit gevoegde bijlage. Dit recht komt ook de medeverzekerden toe, die de verzekerde in het buitenland vergezellen.
2. Het voorgaande lid is van overeenkomstige toepassing op de verzekerde, die voor ziekenfondsrekening in een inrichting in het buitenland is opgenomen.
3. Het bepaalde in lid 1 is niet van toepassing op de verzekerde:
a. die verblijft op het grondgebied van een andere mogendheid met welke Nederland een voor hem geldende overeenkomst of andere regeling ter zake van geneeskundige verzorging heeft getroffen;
b. die aan de nationale wetgeving van het desbetreffende land aanspraak op geneeskundige verzorging kan ontlenen;
c. voor zover hij al dan niet krachtens overeenkomst rechten ter zake van geneeskundige verzorging jegens derden kan doen gelden.
2. Het voorgaande lid is van overeenkomstige toepassing op de verzekerde, die voor ziekenfondsrekening in een inrichting in het buitenland is opgenomen.
3. Het bepaalde in lid 1 is niet van toepassing op de verzekerde:
a. die verblijft op het grondgebied van een andere mogendheid met welke Nederland een voor hem geldende overeenkomst of andere regeling ter zake van geneeskundige verzorging heeft getroffen;
b. die aan de nationale wetgeving van het desbetreffende land aanspraak op geneeskundige verzorging kan ontlenen;
c. voor zover hij al dan niet krachtens overeenkomst rechten ter zake van geneeskundige verzorging jegens derden kan doen gelden.