BWBR0002564
Geldig vanaf 01-05-1983
Artikel 66
Mijnreglement continentaal plat
1. Van staking, beëindiging of hervatting van een boring moet onverwijld mededeling worden gedaan aan de Inspecteur-Generaal der Mijnen.
2. Na het beëindigen van een boring moeten aan de Inspecteur-Generaal der Mijnen zo spoedig mogelijk worden toegezonden:
a. een exemplaar van het in artikel 64, eerste lid, bedoelde boorprofiel en
b. voldoende uit de boring verkregen andere gegevens, die van belang kunnen zijn voor de veiligheid van de bij een opsporingsonderzoek of het winnen van delfstoffen werkzame personen en voor de bescherming van delfstoffen, zomede,
c. indien het boorgat ten behoeve van het winnen van delfstoffen in gebruik zal worden genomen, een doelmatig rapport omtrent de inrichting, afwerking en beveiligingen als in artikel 63b, eerste lid, bedoeld.
3. Indien na beëindiging van een boring het boorgat wordt gebruikt ten behoeve van het winnen van delfstoffen, moet van wijziging van het boorprofiel of van de in het tweede lid, onder b, bedoelde gegevens, dan wel van de in het aldaar onder c bedoelde rapport vermelde gegevens zo spoedig mogelijk schriftelijk kennis worden gegeven aan de Inspecteur-Generaal der Mijnen.
2. Na het beëindigen van een boring moeten aan de Inspecteur-Generaal der Mijnen zo spoedig mogelijk worden toegezonden:
a. een exemplaar van het in artikel 64, eerste lid, bedoelde boorprofiel en
b. voldoende uit de boring verkregen andere gegevens, die van belang kunnen zijn voor de veiligheid van de bij een opsporingsonderzoek of het winnen van delfstoffen werkzame personen en voor de bescherming van delfstoffen, zomede,
c. indien het boorgat ten behoeve van het winnen van delfstoffen in gebruik zal worden genomen, een doelmatig rapport omtrent de inrichting, afwerking en beveiligingen als in artikel 63b, eerste lid, bedoeld.
3. Indien na beëindiging van een boring het boorgat wordt gebruikt ten behoeve van het winnen van delfstoffen, moet van wijziging van het boorprofiel of van de in het tweede lid, onder b, bedoelde gegevens, dan wel van de in het aldaar onder c bedoelde rapport vermelde gegevens zo spoedig mogelijk schriftelijk kennis worden gegeven aan de Inspecteur-Generaal der Mijnen.
- Citeren als
- Art. 66
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0002564
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl