BWBR0002226
Geldig vanaf 2002-01-01
Artikel 18
Successiewet 1956
1 Onder vruchtgebruik worden, voor de toepassing van deze wet, mede verstaan vruchtgenot, gebruik en bewoning, vruchten en inkomsten, jaarlijkse opbrengst en soortgelijke uitkeringen uit daartoe aangewezen goederen.
2 Onder periodieke uitkering wordt, voor de toepassing van deze wet, behalve de uitkering in geld, mede verstaan elke andere, voortdurende, of op vastgestelde tijdstippen terugkerende, prestatie. 1956 362 06-07-1956 28-06-1956 915 1956 362 06-07-1956 28-06-1956 915 01-08-1956
2 Onder periodieke uitkering wordt, voor de toepassing van deze wet, behalve de uitkering in geld, mede verstaan elke andere, voortdurende, of op vastgestelde tijdstippen terugkerende, prestatie. 1956 362 06-07-1956 28-06-1956 915 1956 362 06-07-1956 28-06-1956 915 01-08-1956