BWBR0002219
Geldig vanaf 1997-01-01
Artikel 8
Wet gebruik Friese taal in het rechtsverkeer
1. Indien stukken of opgaven, welke ingevolge wettelijk voorschrift in openbare registers moeten worden ingeschreven, in de Friese taal zijn gesteld, wordt daarnevens de overlegging gevorderd van letterlijke vertalingen in het Nederlands, vervaardigd en voor overeenstemmend verklaard door een voor de Friese taal als bevoegd toegelaten beëdigde vertaler of, indien de inschrijving betrekking heeft op een notariële akte, door de notaris, die de akte heeft verleden.
2. De vertalingen worden ingeschreven in plaats van de in de Friese taal gestelde stukken of opgaven, welke aan het register blijven gehecht. Voorts wordt met de vertalingen gehandeld op dezelfde wijze als anders ten aanzien van die stukken of opgaven zou moeten geschieden.
3. In afwijking van het eerste en tweede lid worden akten van de burgerlijke stand zowel in het Fries als in het Nederlands opgemaakt.
4. Het bepaalde in het eerste tot en met derde lid is van toepassing, tenzij bij de wet anders is bepaald.
2. De vertalingen worden ingeschreven in plaats van de in de Friese taal gestelde stukken of opgaven, welke aan het register blijven gehecht. Voorts wordt met de vertalingen gehandeld op dezelfde wijze als anders ten aanzien van die stukken of opgaven zou moeten geschieden.
3. In afwijking van het eerste en tweede lid worden akten van de burgerlijke stand zowel in het Fries als in het Nederlands opgemaakt.
4. Het bepaalde in het eerste tot en met derde lid is van toepassing, tenzij bij de wet anders is bepaald.