BWBR0002197
Geldig vanaf 1956-05-01
Artikel 4
Instellingsbesluit Bedrijfschap Handel in Tuinbouwzaden
1. Aan het bedrijfschap is overgelaten de regeling of nadere regeling van de navolgende onderwerpen:
a. de bevordering van de gezondheidstoestand, de zuiverheid en de kwaliteit van tuinbouwzaden;
b. de technische inrichting van ondernemingen, voor zover deze verband houdt met de onder a genoemde onderwerpen;
c. de aanduiding van ten verkoop aangeboden tuinbouwzaden;
d. de behandeling en de terugzending van verpakkingsmateriaal door degenen, die de ondernemingen drijven, waarvoor het bedrijfschap is ingesteld;
e. standaardvoorwaarden voor de verkoop, levering en betaling, voor zover betreft het economisch verkeer tussen degenen, die de ondernemingen drijven, waarvoor het bedrijfschap is ingesteld;
f. de verkoops-, leverings- en betalingsvoorwaarden bij de uitvoer van tuinbouwzaden;
g. de administratie van ondernemingen, waarvoor het bedrijfschap is ingesteld;
h. de registratie van de ondernemingen, waarvoor het bedrijfschap is ingesteld;
i. het verstrekken van de voor de vervulling van de taak van het bedrijfschap nodige gegevens;
j. de voor de vervulling van de taak van het bedrijfschap nodige inzage van boeken en bescheiden en bezichtiging en opneming van bedrijfsmiddelen en voorraden van ondernemingen.
2. Verordeningen betreffende de in het eerste lid, onder g, h, ien j, genoemde onderwerpen behoeven niet de in artikel 94 van de wet voorziene goedkeuring.
a. de bevordering van de gezondheidstoestand, de zuiverheid en de kwaliteit van tuinbouwzaden;
b. de technische inrichting van ondernemingen, voor zover deze verband houdt met de onder a genoemde onderwerpen;
c. de aanduiding van ten verkoop aangeboden tuinbouwzaden;
d. de behandeling en de terugzending van verpakkingsmateriaal door degenen, die de ondernemingen drijven, waarvoor het bedrijfschap is ingesteld;
e. standaardvoorwaarden voor de verkoop, levering en betaling, voor zover betreft het economisch verkeer tussen degenen, die de ondernemingen drijven, waarvoor het bedrijfschap is ingesteld;
f. de verkoops-, leverings- en betalingsvoorwaarden bij de uitvoer van tuinbouwzaden;
g. de administratie van ondernemingen, waarvoor het bedrijfschap is ingesteld;
h. de registratie van de ondernemingen, waarvoor het bedrijfschap is ingesteld;
i. het verstrekken van de voor de vervulling van de taak van het bedrijfschap nodige gegevens;
j. de voor de vervulling van de taak van het bedrijfschap nodige inzage van boeken en bescheiden en bezichtiging en opneming van bedrijfsmiddelen en voorraden van ondernemingen.
2. Verordeningen betreffende de in het eerste lid, onder g, h, ien j, genoemde onderwerpen behoeven niet de in artikel 94 van de wet voorziene goedkeuring.