1. Het bedrijfschap is ingesteld voor de ondernemingen, waarin het banketbakkersbedrijf wordt uitgeoefend.
2. Dit besluit verstaat onder:
banketbakkersbedrijf:het bedrijf van het vervaardigen van banketbakkersproducten al dan niet tezamen met:
a. het vervaardigen van ander gebak, koekjes, ragoutwerk, consumptie-ijs of chocolade- of suikerwerkartikelen;
b. het kopen van producten als onder a genoemd en het verkopen daarvan aan particulieren;
banketbakkersproducten:gebak, toebereid met slagroom, banketbakkersroom of een dergelijke grondstof, dan wel met vers of gesteriliseerd fruit;
wet:de
Wet op de Bedrijfsorganisatie(
Stb.1950, K 22).
3. Dit besluit verstaat onder uitoefening van het banketbakkersbedrijf niet het vervaardigen van banketbakkersprodukten, indien dit gepaard gaat met het bereiden of het door middel van wijkbezorging aan particulieren verkopen van ander brood dan kleinbrood, krentenbrood, kerstbrood of soortgelijke gelegenheidsprodukten.
4. Voor de toepassing van het tweede lid, onder
b, wordt onder verkopen aan particulieren mede verstaan het daarmede gepaard gaande verkopen aan instellingen of aan personen, die het gekochte in een door hen gedreven onderneming aanwenden, behoudens indien bovendien aan wederverkopers pleegt te worden verkocht.