BWBR0002088
Geldig vanaf 1951-12-30
Artikel 2
Wet minimum-wachtgeldregeling ex artikel 3 Garantiewet Militairen K.N.I.L.
Het minimum-wachtgeld, bedoeld in artikel 3 lid 3 van de Garantiewet Militairen K.N.I.L., beloopt het bedrag, dat aan de rechthebbende zou worden uitgekeerd, indien op hem van toepassing zou zijn de Overbruggingsregeling 1949, zoals die sedert is aangevuld en/of gewijzigd, met dien verstande dat:
a. evengenoemd bedrag in beginsel wordt verhoogd met een bijzondere toeslag van: f 3,- per week gedurende het 1e jaar der wachtgeldperiode; f 2,- per week gedurende het 2e jaar der wachtgeldperiode; f 1,- per week gedurende het 3e jaar der wachtgeldperiode;
b. voor zover geen bepaald beroep aanwijsbaar is, voor de berekening van het minimum-wachtgeld wordt uitgegaan van het loon van een geoefend metaalarbeider.
a. evengenoemd bedrag in beginsel wordt verhoogd met een bijzondere toeslag van: f 3,- per week gedurende het 1e jaar der wachtgeldperiode; f 2,- per week gedurende het 2e jaar der wachtgeldperiode; f 1,- per week gedurende het 3e jaar der wachtgeldperiode;
b. voor zover geen bepaald beroep aanwijsbaar is, voor de berekening van het minimum-wachtgeld wordt uitgegaan van het loon van een geoefend metaalarbeider.