BWBR0001982
Geldig vanaf 1937-02-08
Artikel 7
Wet economische statistieken
1. De personen die, hoewel daartoe in staat, weigeren of nalatig zijn de opgaven of inlichtingen, bedoeld in artikel 1, te verstrekken of weigeren inzage van boeken, bescheiden of geschriften, bedoeld in artikel 3, te verleenen, worden gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie.
2. Hij die opzettelijk eene onjuiste opgave of inlichting, als bedoeld in artikel 1, verstrekt of opzettelijk tot de verstrekking medewerkt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste één jaar of geldboete van de derde categorie.
3. Hij die opzettelijk de bij artikel 4opgelegde geheimhouding schendt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden of geldboete van de derde categorie.
4. Hij aan wiens schuld schending van die geheimhouding te wijten is, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie.
5. Hij die opzettelijk gegevens, ingevolge deze wet verkregen, in strijd met het bepaalde in artikel 5openbaar maakt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden of geldboete van de derde categorie.
6. Hij aan wiens schuld te wijten is, dat gegevens, ingevolge deze wet verkregen, in strijd met het bepaalde in artikel 5worden openbaar gemaakt, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie.
7. De feiten, in het eerste lid van dit artikel strafbaar gesteld, worden beschouwd als overtredingen, de in het tweede, derde, vierde, vijfde en zesde lid strafbaar gestelde als misdrijven.
2. Hij die opzettelijk eene onjuiste opgave of inlichting, als bedoeld in artikel 1, verstrekt of opzettelijk tot de verstrekking medewerkt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste één jaar of geldboete van de derde categorie.
3. Hij die opzettelijk de bij artikel 4opgelegde geheimhouding schendt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden of geldboete van de derde categorie.
4. Hij aan wiens schuld schending van die geheimhouding te wijten is, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie.
5. Hij die opzettelijk gegevens, ingevolge deze wet verkregen, in strijd met het bepaalde in artikel 5openbaar maakt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden of geldboete van de derde categorie.
6. Hij aan wiens schuld te wijten is, dat gegevens, ingevolge deze wet verkregen, in strijd met het bepaalde in artikel 5worden openbaar gemaakt, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie.
7. De feiten, in het eerste lid van dit artikel strafbaar gesteld, worden beschouwd als overtredingen, de in het tweede, derde, vierde, vijfde en zesde lid strafbaar gestelde als misdrijven.