BWBR0001957
Geldig vanaf 01-12-1952
Artikel 2
Besluit ex artikel 22 Schepenwet
1. De voorzitter bepaalt vervolgens plaats, dag en uur, waarop door hem de zaak zal worden behandeld en wijst tegelijkertijd de leden van den Raad of de Commissie van Onderzoek aan, die hij daarbij zal raadplegen.
2. De secretaris is verplicht de plaats, den dag en het uur van de zitting mede te deelen aan den appellant, aan den ambtenaar, van wiens beslissing of voorschrift beroep is ingesteld, aan de voormelde leden van den Raad of de Commissie van Onderzoek en aan het hoofd van de scheepvaartinspectie, indien deze niet is de ambtenaar, van wiens beslissing of voorschrift beroep is ingesteld.
3. Deze kennisgeving geschiedt aan den appellant, hetzij bij aangeteekenden brief, hetzij bij telegram; aan de overige personen bij brief, telegram of telefoon.
2. De secretaris is verplicht de plaats, den dag en het uur van de zitting mede te deelen aan den appellant, aan den ambtenaar, van wiens beslissing of voorschrift beroep is ingesteld, aan de voormelde leden van den Raad of de Commissie van Onderzoek en aan het hoofd van de scheepvaartinspectie, indien deze niet is de ambtenaar, van wiens beslissing of voorschrift beroep is ingesteld.
3. Deze kennisgeving geschiedt aan den appellant, hetzij bij aangeteekenden brief, hetzij bij telegram; aan de overige personen bij brief, telegram of telefoon.
- Citeren als
- Art. 2
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0001957
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl