BWBR0001854
Geldig vanaf 01-01-2026
Artikel 176c Sr
Wetboek van Strafrecht — artikel 176c
1. Bij veroordeling wegens een der misdrijven omschreven in de artikelen 157, 159, 160, 161bis, 161quater, 161sexies, 162, 162a, 164, 166, 168, 170, 172, 173a, 174, begaan met een terroristisch oogmerk, alsmede bij veroordeling wegens een der misdrijven omschreven in artikel 176b, kan ontzetting van het in artikel 28, eerste lid, onder 3°, vermelde recht worden uitgesproken.
2. Bij veroordeling wegens het in artikel 173a omschreven misdrijf kan ontzetting van de in artikel 28, eerste lid, onder 1°, 2° en 4°, vermelde rechten worden uitgesproken en kan de schuldige worden ontzet van de uitoefening van het beroep waarin hij het misdrijf heeft gepleegd.
2. Bij veroordeling wegens het in artikel 173a omschreven misdrijf kan ontzetting van de in artikel 28, eerste lid, onder 1°, 2° en 4°, vermelde rechten worden uitgesproken en kan de schuldige worden ontzet van de uitoefening van het beroep waarin hij het misdrijf heeft gepleegd.
- Citeren als
- Art. 176c Sr
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0001854
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl