Rechtspraak
Raad van State
2026-05-13
ECLI:NL:RVS:2026:2719
Bestuursrecht
Hoger beroep
2,111 tokens
Volledig
ECLI:NL:RVS:2026:2719 text/xml public 2026-05-20T10:32:24 2026-05-13 Raad voor de Rechtspraak nl Raad van State 2026-05-13 202504484/2/A3 Uitspraak Hoger beroep NL Bestuursrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RVS:2026:2719 text/html public 2026-05-13T08:19:54 2026-05-20 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RVS:2026:2719 Raad van State , 13-05-2026 / 202504484/2/A3 [appellante] heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 20 juni 2025 in zaak nr. 24/7099. In die uitspraak heeft de rechtbank geoordeeld over het gedeeltelijk ingewilligde verzoek van [appellante] om openbaarmaking van stukken over - kort samengevat - het evenement Pride Leiden op 2 september 2023. [appellante] betwist dat de zienswijze uitsluitend bestaat uit informatie die is geweigerd. Door de zienswijze niet met haar te delen wordt zij in haar procespositie geschaad. 202504484/2/A3. Datum beslissing: 13 mei 2026 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Beslissing op grond van artikel 8:29, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) in het hoger beroep van: [appellante], wonend in Leiden, appellante, tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 20 juni 2025 in zaak nr. 24/7099 in het geding tussen: [appellante] en de burgemeester van Leiden. Procesverloop [appellante] heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 20 juni 2025 in zaak nr. 24/7099. In die uitspraak heeft de rechtbank geoordeeld over het gedeeltelijk ingewilligde verzoek van [appellante] om openbaarmaking van stukken over - kort samengevat - het evenement Pride Leiden op 2 september 2023. De burgemeester heeft de vertrouwelijke versie van één gedingstuk overgelegd en met verwijzing naar artikel 8:29 van de Awb medegedeeld dat uitsluitend de Afdeling kennis zal mogen nemen van deze stukken. Het betreft de zienswijze van de korpschef op het verzoek om openbaarmaking van [appellante]. [appellante] heeft een reactie gegeven. Overwegingen 1. De burgemeester heeft de Afdeling wegens het bestaan van gewichtige redenen verzocht te bepalen dat alleen de Afdeling van deze zienswijze kennis zal nemen. Volgens de burgemeester bevat de zienswijze informatie over de inhoud van stukken waarvan de openbaarmaking is geweigerd. 2. [appellante] betwist dat de zienswijze uitsluitend bestaat uit informatie die is geweigerd. Door de zienswijze niet met haar te delen wordt zij in haar procespositie geschaad. 3. Gelet op artikel 8:29, derde lid, van de Awb beslist de Afdeling of de weigering dan wel beperking van de kennisneming van een stuk gerechtvaardigd is. Deze beslissing vergt een afweging van belangen. Enerzijds speelt hierbij het belang dat partijen gelijkelijk beschikken over de voor het hoger beroep relevante informatie en het belang dat de bestuursrechter beschikt over alle informatie die nodig is om de zaak op een juiste en zorgvuldige wijze af te doen. Daartegenover staat dat de kennisneming door partijen van bepaalde gegevens het algemeen belang, het belang van één of meer partijen en/of het belang van derden onevenredig kan schaden. 4. De Afdeling heeft de zienswijze gelezen. Zij stelt vast dat die vrijwel geheel informatie bevat over de inhoud van de (delen van de) documenten die de burgemeester niet openbaar heeft gemaakt. De vraag of de burgemeester de zienswijze wel of niet had moeten geven aan [appellante] staat ook ter beoordeling in het geschil in de bodemprocedure. Daarom al kan deze informatie niet gedurende de loop van de procedure aan [appellante] worden verstrekt. Met verstrekking zou namelijk worden vooruitgelopen op het oordeel van de Afdeling in de bodemprocedure; die procedure zou door de verstrekking in zoverre zinloos worden. 5. De Afdeling acht daarom het verzoek tot beperkte kennisneming gerechtvaardigd. Beslissing De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State: wijst het verzoek toe. Aldus vastgesteld door mr. N.H. van den Biggelaar, lid van de enkelvoudige geheimhoudingskamer, in tegenwoordigheid van mr. S.C. van Tuyll van Serooskerken, griffier. w.g. Van den Biggelaar lid van de enkelvoudige geheimhoudingskamer w.g. Van Tuyll van Serooskerken griffier Uitgesproken in het openbaar op 13 mei 2026 290
Volledig
ECLI:NL:RVS:2026:2719 text/xml public 2026-05-20T10:32:24 2026-05-13 Raad voor de Rechtspraak nl Raad van State 2026-05-13 202504484/2/A3 Uitspraak Hoger beroep NL Bestuursrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RVS:2026:2719 text/html public 2026-05-13T08:19:54 2026-05-20 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RVS:2026:2719 Raad van State , 13-05-2026 / 202504484/2/A3 [appellante] heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 20 juni 2025 in zaak nr. 24/7099. In die uitspraak heeft de rechtbank geoordeeld over het gedeeltelijk ingewilligde verzoek van [appellante] om openbaarmaking van stukken over - kort samengevat - het evenement Pride Leiden op 2 september 2023. [appellante] betwist dat de zienswijze uitsluitend bestaat uit informatie die is geweigerd. Door de zienswijze niet met haar te delen wordt zij in haar procespositie geschaad. 202504484/2/A3. Datum beslissing: 13 mei 2026 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Beslissing op grond van artikel 8:29, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) in het hoger beroep van: [appellante], wonend in Leiden, appellante, tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 20 juni 2025 in zaak nr. 24/7099 in het geding tussen: [appellante] en de burgemeester van Leiden. Procesverloop [appellante] heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 20 juni 2025 in zaak nr. 24/7099. In die uitspraak heeft de rechtbank geoordeeld over het gedeeltelijk ingewilligde verzoek van [appellante] om openbaarmaking van stukken over - kort samengevat - het evenement Pride Leiden op 2 september 2023. De burgemeester heeft de vertrouwelijke versie van één gedingstuk overgelegd en met verwijzing naar artikel 8:29 van de Awb medegedeeld dat uitsluitend de Afdeling kennis zal mogen nemen van deze stukken. Het betreft de zienswijze van de korpschef op het verzoek om openbaarmaking van [appellante]. [appellante] heeft een reactie gegeven. Overwegingen 1. De burgemeester heeft de Afdeling wegens het bestaan van gewichtige redenen verzocht te bepalen dat alleen de Afdeling van deze zienswijze kennis zal nemen. Volgens de burgemeester bevat de zienswijze informatie over de inhoud van stukken waarvan de openbaarmaking is geweigerd. 2. [appellante] betwist dat de zienswijze uitsluitend bestaat uit informatie die is geweigerd. Door de zienswijze niet met haar te delen wordt zij in haar procespositie geschaad. 3. Gelet op artikel 8:29, derde lid, van de Awb beslist de Afdeling of de weigering dan wel beperking van de kennisneming van een stuk gerechtvaardigd is. Deze beslissing vergt een afweging van belangen. Enerzijds speelt hierbij het belang dat partijen gelijkelijk beschikken over de voor het hoger beroep relevante informatie en het belang dat de bestuursrechter beschikt over alle informatie die nodig is om de zaak op een juiste en zorgvuldige wijze af te doen. Daartegenover staat dat de kennisneming door partijen van bepaalde gegevens het algemeen belang, het belang van één of meer partijen en/of het belang van derden onevenredig kan schaden. 4. De Afdeling heeft de zienswijze gelezen. Zij stelt vast dat die vrijwel geheel informatie bevat over de inhoud van de (delen van de) documenten die de burgemeester niet openbaar heeft gemaakt. De vraag of de burgemeester de zienswijze wel of niet had moeten geven aan [appellante] staat ook ter beoordeling in het geschil in de bodemprocedure. Daarom al kan deze informatie niet gedurende de loop van de procedure aan [appellante] worden verstrekt. Met verstrekking zou namelijk worden vooruitgelopen op het oordeel van de Afdeling in de bodemprocedure; die procedure zou door de verstrekking in zoverre zinloos worden. 5. De Afdeling acht daarom het verzoek tot beperkte kennisneming gerechtvaardigd. Beslissing De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State: wijst het verzoek toe. Aldus vastgesteld door mr. N.H. van den Biggelaar, lid van de enkelvoudige geheimhoudingskamer, in tegenwoordigheid van mr. S.C. van Tuyll van Serooskerken, griffier. w.g. Van den Biggelaar lid van de enkelvoudige geheimhoudingskamer w.g. Van Tuyll van Serooskerken griffier Uitgesproken in het openbaar op 13 mei 2026 290