Rechtspraak
Raad van State
2025-10-20
ECLI:NL:RVS:2025:4999
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Voorlopige voorziening
586 tokens
Inleiding
BRS.25.001431
ECLI:NL:RVS:2025:4999
Datum uitspraak: 20 oktober 2025
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht), met toepassing van artikel 8:83, derde lid, van die wet, van:
[de verzoeker],
verzoeker.
Procesverloop
Bij besluit van 6 augustus 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem krachtens artikel 64 van de Vw 2000 uitstel van vertrek te verlenen, afgewezen.
Bij besluit van 8 april 2025 heeft de minister het daartegen door verzoeker gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.
Bij uitspraak van 1 augustus 2025 in zaak nr. 25/8171 heeft de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Groningen, het daartegen door verzoeker ingestelde beroep ongegrond verklaard.
Bij uitspraak van 1 oktober 2025, ECLI:NL:RVS:2025:4598, heeft de voorzieningenrechter van de Afdeling het tegen deze uitspraak door verzoeker ingestelde hoger beroep ongegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank bevestigd en een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening voor het overige afgewezen.
Verzoeker heeft op 3 oktober 2025 de voorzieningenrechter van de Afdeling verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Overwegingen
1. Verzoeker heeft de voorzieningenrechter verzocht om bij wijze van voorlopige voorziening te bepalen dat zijn voorgenomen uitzetting op 27 oktober 2025 achterwege blijft.
2. Gelet op wat de voorzieningenrechter van de Afdeling in de hiervoor genoemde uitspraak van 1 oktober 2025 heeft overwogen en omdat wat verzoeker in zijn verzoek aanvoert geen grond biedt om niet langer van de rechtmatigheid van de voorgenomen uitzetting uit te gaan, wijst de voorzieningenrechter het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening af.
3. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Dictum
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. J.J.W.P. van Gastel, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. E.E. Pronk, griffier.
w.g. Van Gastel
voorzieningenrechter
w.g. Pronk
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 20 oktober 2025
1028