Rechtspraak
Raad van State
2024-06-28
ECLI:NL:RVS:2024:2756
Bestuursrecht
Hoger beroep
513 tokens
Volledig
202205314/1/R4.
Datum uitspraak: 28 juni 2024
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
PROCES-VERBAAL van de mondelinge uitspraak (artikel 8:67 van de Algemene wet bestuursrecht) op het hoger beroep van:
[appellant A], [appellant B] en [appellant C], allen wonend in Buurmalsen, gemeente West Betuwe (hierna: [appellant] en anderen),
appellanten,
tegen de uitspraak van de rechtbank Gelderland van 29 juli 2022 in zaak nr. 20/6746 in het geding tussen:
[appellant] en anderen
en
het college van burgemeester en wethouders van West Betuwe.
Openbare zitting gehouden op 28 juni 2024 om 10:30 uur.
Tegenwoordig:
Staatsraad mr. N. Verheij, voorzitter
griffier: mr. L.S. Kors, bijgestaan door mr. D.E.P. van Gulik
Verschenen:
[appellant A];
Het college van burgemeester en wethouders van West Betuwe, vertegenwoordigd door mr. H.I.M. Dierkx;
[partij], vertegenwoordigd door [gemachtigden].
=
=
Bij besluit van 9 juni 2020 heeft het college aan [partij] een omgevingsvergunning verleend voor het realiseren van drie logieskamers in een bestaande fruitschuur aan de [locatie] in Buurmalsen.
Bij twee afzonderlijke besluiten van 5 november 2020 heeft het college het door [appellant] en anderen daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.
Bij uitspraak van 29 juli 2022 heeft de rechtbank het door [appellant] en anderen daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard. Het hoger beroep richt zich tegen deze uitspraak.
De Afdeling bevestigt de aangevallen uitspraak.
De reden daarvoor is dat de uitspraak van de rechtbank geheel juist is.
In het toepasselijke bestemmingsplan "Buitengebied", vastgesteld op 28 november 2006, kan niet worden gelezen wat [appellant] en anderen daarin lezen, namelijk dat in de logieskamers enkel werknemers van het eigen bedrijf mogen verblijven. De rechtbank heeft terecht overwogen dat dat er niet uit volgt.
w.g. Verheij
lid van de enkelvoudige kamer
w.g. Kors
griffier
687-1098