Rechtspraak
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
2026-01-26
ECLI:NL:RBZWB:2026:432
Bestuursrecht; Belastingrecht
Voorlopige voorziening
714 tokens
=== VOLLEDIG ===
ECLI:NL:RBZWB:2026:432 text/xml public 2026-02-06T10:11:54 2026-01-26 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Zeeland-West-Brabant 2026-01-26 BRE 25/3891 Uitspraak Voorlopige voorziening NL Breda Bestuursrecht; Belastingrecht Rechtspraak.nl V-N Vandaag 2026/206 http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2026:432 text/html public 2026-02-04T11:02:22 2026-02-04 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBZWB:2026:432 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 26-01-2026 / BRE 25/3891 BRE 25/3891 en BRE 25/3892; 8:54; onbevoegd RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Belastingrecht zaaknummer: BRE 25/3891 en 25/3892 uitspraak van de voorzieningenrechter van 26 januari 2026 in de zaak tussen [verzoeker], uit [plaats], verzoeker Inleiding 1. In deze uitspraak beslist de voorzieningenrechter op de verzoeken om een voorlopige voorziening van verzoeker over het schorsen van de openbare verkoop van de woning van verzoeker. 1.1. Omdat de voorzieningenrechter kennelijk onbevoegd is, doet de voorzieningenrechter uitspraak zonder zitting. Artikel 8:83, derde lid van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk. Beoordeling door de voorzieningenrechter 2. De voorzieningenrechter overweegt dat de openbare verkoop van de woning een invorderingsmaatregel is. De invordering van gemeentelijke belastingen wordt uitgevoerd met toepassing van de Invorderingswet 1990. De belastingrechter is als uitgangspunt niet bevoegd te oordelen over een besluit dat is genomen op grond van de Invorderingswet 1990. Omdat geen beroep bij de belastingrechter kan worden ingesteld, is het evenmin mogelijk om een voorlopige voorziening te vragen. Een geschil over invorderingsmaatregelen kan worden voorgelegd aan de civiele rechter. Conclusie en gevolgen 3. De voorzieningenrechter is onbevoegd een inhoudelijk oordeel te geven over de verzoeken. Verzoeker heeft geen griffierecht betaald. De rechtbank ziet dan ook geen aanleiding om griffierecht terug te betalen. Beslissing De voorzieningenrechter verklaart zich onbevoegd. Deze uitspraak is gedaan door mr. A.H.W. Steijn, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van R.P.A.G. Dekkers, griffier, op 26 januari 2026 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl. griffier rechter De uitspraak is aan partijen bekendgemaakt op de datum vermeld in de brief waarmee deze uitspraak aan partijen ter beschikking is gesteld. Informatie over verzet Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is bekendgemaakt. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden. Volgens artikel 231 van de Gemeentewet.